Terug naar Nieuws

Bodemverdichting: beter voorkomen dan genezen

Beleid

Bodemverdichting is een vaak onderschat probleem dat in België ongeveer één derde van het akkerbouwareaal treft. Het komt ook regelmatig voor onder grasland. Door de toename van zware landbouwmachines en het bewerken van percelen onder natte omstandigheden, verliest de bodem zijn structuur. Met negatieve gevolgen: water infiltreert moeilijker, wortels groeien minder diep en nutriënten worden slechter opgenomen. Het resultaat? Lagere gewasopbrengsten, staand water, droogtestress, gewasbederf en een verhoogde afspoeling van stikstof. Hoewel deze effecten grotendeels ondergronds plaatsvinden en dus moeilijk zichtbaar zijn, vormen ze een reële bedreiging voor de landbouwproductiviteit én het milieu. 

Beter voorkomen dan genezen 

Preventie is cruciaal. Door bewust om te gaan met timing en techniek kan u als landbouwer veel schade vermijden. Wat kan u concreet doen? 

  • vermijd bewerkingen bij natte bodemcondities,
  • pas de bandenspanning aan via een drukwisselsysteem,
  • beperk het aantal passages,
  • gebruik lichtere machines,
  • gebruik bredere banden, rupsen en vaste rijpaden.

Ook met gewasvariëteiten die u vroeger kan oogsten, beperkt u risico’s. Tot slot speelt ook de algemene bodemkwaliteit een rol: een bodem met voldoende organische stof, een goede pH en actief bodemleven heeft een hogere draagkracht. Leem- en kleihoudende gronden zijn ook gevoeliger voor bodemverdichting dan zandgronden.

Actief meten is weten 

Maar hoe weet u of uw bodem verdicht is? 

Omdat de symptomen vaak ondergronds blijven, is het belangrijk om actief te meten. Plasvorming, zichtbare rijsporen, zwakke opkomst en misvormde wortels kunnen aanwijzingen zijn. Een eenvoudige priktest met een ijzeren staaf geeft al een eerste indicatie: als u moeilijk door de bodem prikt, is dat een teken van verdichting. Dit doet u bij voorkeur in een bodem die voldoende vochtig is (bv. voorjaar). Voor een meer gedetailleerde analyse kan u als landbouwer gebruik maken van een (al dan niet digitale) penetrometer of kan u een profielkuil graven om de bodemlagen visueel te beoordelen. Ook de bulkdichtheid van bodemstalen kan nuttige informatie opleveren. 

Als preventie te laat komt en de bodem reeds verdicht is, zijn herstelmaatregelen eventueel mogelijk, maar niet evident. Oppervlakkige verdichting kan vaak bij de volgende bodembewerking aangepakt worden. Diepere verdichting vraagt echter om een gerichte aanpak. Mechanisch diepwoelen met een aangepaste decompactor kan de verdichte laag doorbreken, op voorwaarde dat dit onder droge omstandigheden gebeurt en met de juiste instellingen. Daarna kiest u bij voorkeur voor diepwortelende gewassen zoals luzerne, bladrammenas of sorghum om te vermijden dat de verdichting op korte termijn terugkeert. Deze gewassen kunnen de bodemstructuur verbeteren en helpen bij het herstel. De combinatie van diepwoelen en het inzaaien van deze gewassen blijkt het meest effectief, mits u de bodem daarna met zorg behandelt om herverdichting te voorkomen. Maar bodemverdichting voorkomen is natuurlijk nog veel beter.

Kortom, bodemverdichting is een sluipend probleem dat vraagt om aandacht, inzicht en actie. Door preventieve maatregelen te nemen, actief te monitoren en waar nodig gericht te herstellen, kunnen we onze bodems gezond houden en de landbouwproductie duurzaam versterken. 

Meer info? 

Lees onderstaande artikels 

Campagne 'Tips voor een gezonde landbouwbodem'

Op 5 december, wereldbodemdag, lanceerden we een campagne van een jaar waarin we tips geven voor een gezonde landbouwbodem via onze sociale media kanalen. Alle berichten worden ook gebundeld onder Bodemtips op onze webpagina www.vlaanderen.be/landbouw/bodem. 

Wilt u als eerste op de hoogte zijn? Volg dan zeker onze kanalen:

Delen: