Projectsteun voor innovaties in de landbouw: oproep 2017

Indienperiode: 2 januari 2017 tot en met 31 maart 2017

Op deze pagina:

Maatregel kort samengevat

Projectsteun voor innovaties voor de landbouw
Wat? Omschrijving

Doel van de maatregel

Het VLIF ondersteunt landbouwbedrijven die aan innovatie doen

Doelgroep

Bij het Departement Landbouw en Visserij geïdentificeerde landbouwers

Voorwaarden

  • Begunstigde is landbouwer en het landbouwbedrijf waar de investeringen plaatsvinden ligt in het Vlaams Gewest
  • Begunstigde houdt een projectboekhouding bij
  • Begunstigde is in orde met de wettelijke administratie voor het innovatieproject
  • Begunstigde maakt een eindrapport op
  • Pas na kennisgeving van de selectie wordt de investering aangevat
  • De geselecteerde subsidiabele investeringskosten bedragen minimaal €25.000

Subsidiabele kosten

  • Innovatie onroerende en roerende investeringen,
  • Software en sturingsprogramma’s noodzakelijk voor deze investeringen,
  • Algemene kosten  met het project verbonden zoals onderzoeks-, studie- en begeleidingskosten en resultaatsmeting (beperkt tot 20% van de totale projectkost).

Steunomvang en - plafond

  • 40% van de subsidiabele investeringskost,
  • subsidiabele kost is geplafonneerd op 500.000 euro ofwel 200.000 euro subsidie

Mogelijke steunvorm

Kapitaalpremie

Steunaanvraag

  • Steunaanvraag indienen via: e-loket
  • Selectie op basis van de mate van innovatie, de mate van economische, sociale of ecologische impact, de mate waarin het project concreet, realistisch en uitvoerbaar is, de mate waarin de investering aansluit bij een samenwerking in de keten of ketenoverschrijdend is.

Doel van de maatregel

Deze maatregel stimuleert pure innovatie en vernieuwing op het land- en tuinbouwbedrijf en vormt een aanvulling op de reguliere VLIF investeringssteun. Via de projectsteun wil het VLIF innovatieve ideeën en concepten op het vlak van productie, verwerking en afzet van landbouwproducten realiseren.

Via deze maatregel zijn innovatieve investeringstypes subsidiabel die nog niet beschikbaar zijn op de VLIF-lijst van subsidiabele investeringen. Daarnaast zijn ook investeringstypes subsidiabel die reeds opgenomen werden op de VLIF-lijst, maar die tegelijk ook een duidelijk aantoonbare innovatie inhouden. Innovaties die zich in een eindfase van ontwikkeling bevinden en uitgetest worden in praktijkomstandigheden op land- en tuinbouwbedrijven zijn eveneens subsidiabel via deze maatregel.

Voorwaarden

Tenzij anders vermeld moet aan alle voorwaarden voldaan worden op het moment van het voorleggen van de eindfacturen. Enkel facturen met factuurdatum binnen de drie jaar na kennisgeving van de selectie zijn subsidiabel.

1. Begunstigde is landbouwer

De landbouwer is een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die landbouwactiviteiten als doelstelling heeft en

  • als landbouwer geïdentificeerd is bij het Departement Landbouw en Visserij (op het moment van de aanvraag);
  • aangesloten is bij een sociale kas voor zelfstandigen;
  • sociaal verzekerd is op basis van de landbouwactiviteiten;
  • de landbouwactiviteiten gekend zijn bij de Administratie der Directe Belastingen.
  • waarvan de  landbouwactiviteiten, zijnde het kweken, opkweken of telen van landbouwproducten, een hoofdactiviteit zijn van de onderneming (aan te tonen op basis van de NACE codes van de onderneming)
  • waarbij in het geval van een  natuurlijk persoon – landbouwer maximum een halftijdse job uitgeoefend wordt als werknemer in loonverband

De maatschappelijke zetel of exploitatiezetel ligt in het Vlaams Gewest en de investeringen liggen in het Vlaams Gewest en zijn daar operationeel.

2. Er wordt een projectboekhouding bijgehouden

Deze projectboekhouding wordt op het e-loket opgeladen bij de betalingsaanvraag.

3. In orde met de wettelijke administratie voor het innovatieproject

Hier worden minimaal onder verstaan:

  1. Een milieuvergunning en bouwvergunning (later omgevingsvergunning) die de uitoefening van alle bestaande en nieuw geplande bedrijfsactiviteiten toelaat op het landbouwbedrijf
  2. Een attest waaruit blijkt dat het veebedrijf beschikt over voldoende nutriëntenemissierechten.
  3. Attesten van Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen.

4. De begunstigde maakt een eindrapport op

Dit eindrapport bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf bladzijden. De focus van dit rapport moet de graad van welslagen van de innovatie zijn. Dit rapport wordt als bron gebruikt om te bepalen of innovatieve investeringstypes toegevoegd worden op de limitatieve lijst van subsidiabele investeringen voor de maatregel VLIF-investeringssteun voor land- en tuinbouwers.

5. Pas na kennisgeving van selectie mogen de investeringen aangevat worden

Alleen investeringen die gestart zijn na de selectieprocedure van betreffende indienperiode komen in aanmerking voor subsidie. Pas nadat er correspondentie ontvangen is dat de ingediende investering(en) in aanmerking komt/komen voor subsidie mogen er contractuele verbintenissen worden aangegaan om de investering uit te voeren. Die verbintenis blijkt uit een ondertekende overeenkomst, het ondertekenen van een offerte, een verkoopovereenkomst of gelijksoortige documenten.

Voorbereidende handelingen zoals aankoop van grond, de aanvraag van een stedenbouwkundige vergunning of een milieuvergunning, de aanvraag van advies, de uitvoering van haalbaarheidsstudies of een prijsofferte worden niet aanzien als het uitvoeren van de investering.

De periode waarin de uitgaven gedaan worden bedraagt drie jaar vanaf kennisgeving van de selectie van het project.

6. De subsidiabele investeringskosten bedragen minimaal €25.000

Het project komt alleen in aanmerking indien de innovatieve onroerende en roerende investeringen en de software en sturingsprogramma’s die hiermee verbonden zijn minimaal 25.000 euro bedragen.

Subsidiabele kosten

  1. De ontwikkeling, constructie of verwerving, inclusief leasing, van innovatieve onroerende en roerende investeringen zoals gebouwen, installaties, machines en uitrusting.
  2. De ontwikkeling of verwerving van software en sturingsprogramma’s verbonden aan de innovatieve (on)roerende investering.
  3. De algemene kosten verbonden aan de bovenvermelde (in punt 1 en 2) aanloopverrichtingen, zoals onderzoeks-, studie- en begeleidingskosten en resultaatmeting. Ervaring leert immers dat innovatie, zeker in de beginfase, nood heeft aan een ‘trekker’ en dikwijls ook aan een deskundig begeleider. Voor deze reden zijn de begeleidingskosten ook subsidiabel.

Wat wordt verstaan onder innovatieve investeringen?

  1. Investeringstypes die niet terug te vinden zijn op de limitatieve lijst van subsidiabele investeringen en ‘innovatief’ van aard zijn. Deze investeringstypes mogen zich in een (eind)fase van ontwikkeling bevinden en uitgetest worden in praktijkomstandigheden op het landbouwbedrijf.
  2. Investeringstypes die in algemene benaming wel terug te vinden zijn op de limitatieve lijst van subsidiabele investeringen maar die een innovatieve uitvoering betreffen. Dit moet duidelijk in de projectaanvraag aangetoond worden. Ook hier kan het over een innovatieve uitvoering gaan die zich in een (eind)fase van ontwikkeling bevindt en uitgetest wordt op het landbouwbedrijf.

Welke subsidie is mogelijk voor de investeringen die eveneens noodzakelijk zijn voor het project, maar geen innovatief karakter hebben?

Indien de investeringen opgenomen zijn op de limitatieve lijst van de subsidiabele investeringen onder de reguliere VLIF-steun voor land- en tuinbouwbedrijven, kan gelijktijdig een hiervoor een steunaanvraag ingediend worden. Na selectie zullen de voorwaarden voor deze maatregel moeten aangetoond worden.

Let wel, indien gelijktijdig een investeringssteunaanvraag wordt ingediend tijdens:

  •  Indienperiode:  2 januari 2017 -31 maart 2017.
    • De richtdatum voor de start van de innovatieve en reguliere investeringen midden  mei 2017.  De kennisgeving van de selectie voor projectsteun innovatie moet afgewacht worden.
  • Indienperiode: 1 april 2017 - 30 juni 2017.
    • De richtdatum voor de start van de innovatieve en reguliere investering is vanaf kennisgeving van de selectie van de reguliere investeringssteun. Dit wil zeggen in de eerste 10 werkdagen van juli 2017.
  • Indienperiode na 30 juni 2017:
    •  Er mag bij indienen van de reguliere investeringssteun nog  geen engagementen aangegaan zijn voor de uitvoer van de investering geselecteerd onder de maatregel projectsteun voor innovatie in de landbouw.

Steunvorm en –omvang

De steun bedraagt 40% van de subsidiabele projectkosten, beperkt tot maximum 200.000 euro per aanvraag.

De steunvorm bestaat uit een kapitaalpremie die in maximaal twee schijven uitbetaald wordt.

Het totale beschikbare budget voor oproep 2017 bedraagt 7,7 mio  euro. 3 mio euro van dit budget is voorbehouden voor innovatieve projecten binnen de groente- en fruitsector en 3 mio euro voor innovatieve projecten binnen de veehouderij.

Steunaanvraag indienen 

Alle VLIF steunaanvragen verlopen via het e-loket voor Landbouw en Visserij.  Voor meer informatie, zie ook een VLIF steunaanvraag indienen.

De indienperiode loopt van 2 januari 2017 tot en met 31 maart 2017. De datum van indiening binnen deze periode speelt geen enkele rol bij de selectie.

De belangrijkste informatie moet weergegeven worden in het aanvraagformulier. Dit aanvraagformulier moet als PDF-bestand opgeladen worden op het e-loket.
Aanvraagvraagformulier voor projectsteun voor innovaties in de landbouw

Na het afsluiten van een indienperiode of blokperiode worden alle aangemelde dossiers gerangschikt van hoog naar laag op basis van de totaalscore, zijnde de optelsom van de verschillende deelscores op de verschillende selectiecriteria.

De selectiecriteria zijn:

  1. De mate van innovatie
  2. De mate van economisch, sociale of ecologische impact
  3. De mate waarin het project concreet, realistisch en uitvoerbaar is
  4. De mate waarin de investering aansluit bij een samenwerking in de keten of ketenoverschrijdend

De scores worden toegekend door een beoordelingscollege bestaande uit experten van het Beleidsdomein Landbouw en visserij. Deze beoordelingscolleges zullen plaatsvinden gedurende de maanden mei-juni 2017.

De gegevens aangeleverd via het aanvraagformulier zijn de enige basis voor de toekenning van de punten op de verschillende selectiecriteria. Er wordt gewerkt met een minimumscore. Indien onvoldoende projecten de minimumscore behalen wordt niet het volledige budget van deze oproep benut, maar wordt dit deel van het budget doorgeschoven naar een volgende oproep.

De volgende informatie wordt aangeleverd in het aanvraagformulier:

  1. Een beschrijving van de achtergrond en de probleemstelling of uitdaging;
  2. Een beschrijving van het innovatiedoel;
  3. Gegevens over de technologische vernieuwing, het proces en, als dat van toepassing is, het beoogde product;
  4. Een plan van aanpak;
  5. Gegevens over de aanvrager en de projectpartners;
  6. Een beschrijving van de bijdrage van het project aan de economische duurzaamheid van het bedrijf of de sector;
  7. Een beschrijving van de bijdrage van het project aan de ecologische duurzaamheid van het bedrijf of de sector;
  8. Een beschrijving van de bijdrage van het project aan de sociale duurzaamheid van het bedrijf of de sector;
  9. Indien van toepassing, een beschrijving van de bijdrage van het project, of van de mogelijke resultaten ervan, aan de samenwerking in de keten of aan de ketenoverschrijdende samenwerking;
  10. Indien van toepassing, een beschrijving van de link van het project met Europese-innovatieplatformprojecten of demoprojecten;
  11. Een inschatting van de projectkosten, ingedeeld volgens de gevraagde rubrieken

Op het aanvraagformulier bestaat elke hoofdvraag uit een aantal deelvragen die het verder verduidelijken.

Regelgeving

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende steun voor innovaties in de landbouw

Meer informatie

Departement Landbouw en Visserij
Koning Albert II-Laan 35, bus 40 - 1030 Brussel
Tel. 02 552 78 32
michael.vanzeebroeck@lv.vlaanderen.be

Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling - Europa investeert in zijn platteland.Europese vlag