ga naar de navigatie ga naar de inhoud

Opgelet!Schijnbaar begrijpt uw browser geen Cascading Style Sheets of u hebt e ondersteuning voor CSS uitgeschakeld. Dat is niet erg, maar besef dat u momenteel een andere lay-out ziet dan de ontwerpers van deze site bedacht hebben.

Vlaamse overheid - www.vlaanderen.be/landbouw
 

aanvullende quotamaatregelen vanaf 01/07/2010

De volgende aanvullende quotamaatregelen gelden vanaf 1 juli 2010  :

1.      Toewijzing van vangstmogelijkheden volgens motorvermogen
Groot vlootsegment (GVS) – Periode 1 juli 2010 – 31 oktober 2010

1.1.       Tong II, IV - GVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van meer dan 221 kW wordt in de i.c.e.s.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 juli 2010 tot en met 31 oktober 2010 een hoeveelheid tong toegekend die gelijk is aan 3.000 kg, vermeerderd met een hoeveelheid die gelijk is aan 10 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

In afwijking van vorig lid worden de toegekende hoeveelheden met 3 kg per kW verminderd voor de vissersvaartuigen, die op de lijst Golf van Gascogne 2010 voorkomen.

Bijkomende bepalingen:

De overbevissing van de toegewezen hoeveelheid tong per vissersvaartuig gedurende het eerste semester wordt na vermenigvuldiging met een strafcoëfficiënt 1,20 automatisch afgeboekt van de toegekende hoeveelheid voor de overeenkomstige periode 2011.

De onderbenutting van de toegewezen hoeveelheid tong per vissersvaartuig gedurende het eerste semester komt te vervallen.

De overbevissing in de periode 1 juli – 31 oktober 2010 zal na vermenigvuldiging met een strafcoëfficiënt 1,20 afgeboekt worden van de aan het vissersvaartuig toegekende hoeveelheden tong in de Noordzee in de overeenkomstige periode 2011.

Indien het vissersvaartuig de hem toegewezen hoeveelheid tong overschrijdt, kan zijn visvergunning worden ingetrokken voor een periode van ten minste vijf opeenvolgende dagen. Tijdens deze periode moet het vissersvaartuig inactief liggen in een Belgische vissershaven.

De periode vangt aan op de derde dag volgend op de notificatie van de intrekking van de visvergunning, die de Dienst Zeevisserij per aangetekend schrijven aan de eigenaar van het betrokken vissersvaartuig zal toesturen.

1.2.       Schol II, IV - GVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van meer dan 221 kW wordt in de i.c.e.s.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 juli 2010 tot en met 31 oktober 2010 een hoeveelheid schol toegekend die gelijk is aan 65 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid schol wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

De bijkomende bepalingen zijn analoog met deze vermeld onder punt 1.1.

1.3.       Tong VIIf,g - GVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van meer dan 221 kW wordt in de i.c.e.s.-gebieden VIIf,g voor de periode 1 juli 2010 tot en met 31 oktober 2010 een hoeveelheid tong toegekend die gelijk is aan 12 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

De bijkomende bepalingen zijn analoog met deze vermeld onder punt 1.1.

1.4.       Tong VIIh,j,k - GVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van meer dan 221 kW wordt in de i.c.e.s.-gebieden VIIh,j,k voor de periode 1 juli 2010 tot en met 31 oktober 2010 een hoeveelheid tong toegekend die gelijk is aan 3 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

De bijkomende bepalingen zijn analoog met deze vermeld onder punt 1.1.

1.5.       Tong VIIIa,b - GVS

Elk vissersvaartuig dat op de lijst "Visvergunningen Golf van Gascogne 2010" voorkomt, mag in het gebied VIIIa,b aanwezig zijn vanaf 8 juni 2010 om 00.00 uur en er de visserijactiviteit beoefenen. De toegekende hoeveelheid tong omvat 23 kg per kW voor de periode 8 juni 2010 tot en met 31 juli 2010.

De onbenutte hoeveelheden op 1 augustus 2010 zijn voor de rederij verloren en komen voor herverdeling in aanmerking. Een eventuele verdere herverdeling zal door de Dienst afgehandeld worden.

1.6.       Kabeljauw II, IV - GVS

Eigenaars van vissersvaartuigen van het GVS kunnen vóór 15 juli 2010 opteren voor een toewijzing per kW. Ingeval de aanvraag niet schriftelijk binnenkomt op de Dienst vóór 15 juli 2010, wordt standaard een toewijzing per zeereis toegekend (zie 3.2.).

-    Voor de vissersvaartuigen van meer dan 221 kW waarvoor een speciaal verzoek werd ingediend, wordt in de i.c.e.s.-gebieden II, IV voor de periode van 1 juli 2010 tot 31 oktober 2010 een hoeveelheid kabeljauw toegekend, die gelijk is aan 13 kg per kW uitgedrukt in productgewicht.

-    Indien op zeker ogenblik een vissersvaartuig de hem toegewezen hoeveelheid kabeljauw heeft opgevist, dient het vissersvaartuig vanaf dit ogenblik de kabeljauwvisserij in de i.c.e.s.-gebieden II, IV stop te zetten tot eind oktober 2010.

2.      Toewijzing van vangstmogelijkheden volgens motorvermogen.
Klein vlootsegment (KVS) – periode 1 januari 2010 – 31 oktober 2010

Er worden verhogingen voor Noordzee tong en schol voorzien voor de eerste periode januari – oktober 2010.

2.1.       Tong II, IV – KVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van maximum 221 kW wordt in de i.c.e.s.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 januari 2010 tot en met 31 oktober 2010 een hoeveelheid tong toegekend die gelijk is aan 3.500 kg, vermeerderd met een hoeveelheid die gelijk is aan 45 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

2.2.       Schol II, IV - KVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van maximum 221 kW wordt in de i.c.e.s.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 januari 2010 tot en met 31 oktober 2010 een hoeveelheid schol toegekend die gelijk is aan 125 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid schol wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

3.      Toewijzing van vangstmogelijkheden per zeereis

3.1.       Tong VIIa

Zoals aangegeven in het rondschrijven van 30 maart 2010 worden in de periode van 1 juli 2010 tot en met 31 december 2010 de tongvangsten per zeereis in VIIa beperkt tot een aantal kg (productgewicht) vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die reis in VIIa :

Ÿ  150 kg voor vissersvaartuigen van 221 kW of minder,

Ÿ  300 kg voor vissersvaartuigen van meer dan 221 kW.

Eigenaars van vissersvaartuigen die gedurende 2008 en 2009 tesamen 120 zeedagen presteerden in de Ierse Zee VIIa kunnen vóór 15 juli 2010 aan de Dienst een verdubbeling van de plafonds VIIa vanaf 1 juli 2010 aanvragen op voorwaarde dat 50 % Noordzeetong wordt ingeleverd voor de periode 1 juli 2010 – 31 oktober 2010.

3.2.       Kabeljauw Noordzee

-    Het totale kabeljauwquotum in de Noordzee, gereserveerd voor vissersvaartuigen met een motorvermogen van meer dan 221 kW en waarvoor de reder niet gekozen heeft voor toewijzing per kW, bedraagt voor de periode van 1 juli 2010 tot en met 31 december 2010, een hoeveelheid die door de Dienst zal berekend worden in functie van het aantal inschrijvingen.

-    De kabeljauwvangst in de periode van 01.07.2010 tot en met 31.12.2010 van vaartuigen die volgens de officiële lijst zijn uitgerust met de boomkor wordt in de Noordzee per zeereis beperkt tot een aantal kg, uitgedrukt als productgewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die zeereis in dat gebied en wel als volgt.

ü   160 kg voor vaartuigen van 221 kW of minder

ü   320 kg voor vaartuigen van meer dan 221 kW.

De kabeljauwvangst in de periode 01.07.2010 tot en met 31.12.2010 van vaartuigen die volgens de officiële lijst niet zijn uitgerust met de boomkor (planken, staande want, …) wordt in de Noordzee per zeereis beperkt tot een aantal kg, uitgedrukt als productgewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die zeereis in dat gebied en wel als volgt:

ü   440 kg voor niet-boomkorvaartuigen

Tijdens visreizen in de Noordzee waar gewerkt wordt met grote netmaaswijdtes van groter dan 100 mm in de bordenvisserij (TR 1) of groter dan 120 mm in de boomkorvisserij (BT 1) mogen bovenstaande plafonds met 160 kg per vaartdag worden verhoogd.

4.      Aanpassing segmentquota

Volgende segmentquota zijn van toepassing vanaf 1 juli 2010.

visbestand

klein vlootsegment

221 kW (KVS)

groot vlootsegment

> 221 kW (GVS)

tong II, IV

schol II, iV

kabeljauw II, IV

404

499

156

   820

3.339

   853

 

Pagina afdrukkenTip een collega over deze pagina
Gepubliceerd op 23 juni 2010. Laatst gewijzigd op 6 september 2011