Visserij: Aanvullende quotamaatregelen vanaf 1 april 2019

1 Regeling visserij Golf van Gascogne 2019

De aanwezigheid van vissersvaartuigen in VIIIa,b is in 2019 verboden. Enkel de vaartuigen die op de lijst "Visvergunning Golf van Gascogne 2019" voorkomen, mogen vanaf 1 juni 2019 om 00:00 uur aanwezig zijn in VIIIa,b.

Het Belgisch tongquotum in de Golf van Gascogne 2019 omvat na quotaruil 319 ton.

Voor 2019 is er eveneens 292,9 ton zeeduivel in gebied VIIIa,b,d,e beschikbaar, bestaande uit 10% van het Belgisch quotum in VII dat mag gevangen worden in VIIIa,b. De traditionele quotaruil met Spanje werd met succes afgerond, vandaar dat er ook  bijvangsten mogelijk zijn van langoustines, schol en wijting, naast de schartong, heek, schelvis, zwarte koolvis, leng en kabeljauw. Voor deze laatste soort moet uiteraard de beperking van 1.000 kg vast recht in de periode 1 januari 2019 – 30 juni 2019 in de ICES-gebieden VIIb-c, VIIe-k, VIII gerespecteerd worden. Het is voor zichzelf sprekend, dat de vervolgmaatregel voor de kabeljauw vanaf 1 juli 2019 tevens nageleefd moeten worden.

Geïnteresseerde reders kunnen hun vaartuig via aangetekend schrijven of per e-mail, verstuurd vóór 10 april 2019 naar de Dienst Zeevisserij, inschrijven met het inschrijvingsformulier Aanvraag visvergunning Golf van Gascogne 2019. Ingeval het aantal inschrijvingen te hoog oploopt, zal via loting het aantal toegelaten vaartuigen op de lijst "Visvergunning Golf van Gascogne 2019" beperkt worden.

Elk vaartuig dat op bedoelde lijst is opgenomen, zal in het gebied VIIIa,b aanwezig mogen zijn vanaf 1 juni 2019 om 00.00 uur en er de visserijactiviteit mogen beoefenen. De toegekende hoeveelheid tong omvat 18 kg per kW voor de periode 1 juni 2019 tot en met 30 september 2019.

Deze hoeveelheid zal door de dienst worden herzien in functie van het aantal inschrijvingen en de te verwachten aanvoer.

Overschrijding van de maximale toegekende hoeveelheid tong kan leiden tot intrekking van de visvergunning. De minimum periode van intrekking is vastgesteld op 5 opeenvolgende werkdagen. De overschreden hoeveelheid tong wordt in het dubbel in mindering gebracht op de hoeveelheden tong 2020.

Visreizen in de ICES-gebieden VIIIa,b gedurende 2019 kunnen niet gecombineerd worden met vangsten in andere ICES-gebieden.

Voor de vaartuigen, die op de lijst "Golf van Gascogne 2019" vermeld worden, worden er voor de periode 1 juli 2019 – 31 oktober 2019 geen vangstmogelijkheden VIIa en VIIf,g toegekend. Ingeval de toe te kennen  hoeveelheden tong voor deze periode minder dan 8 kg per kW in VIIf,g en 5.000 kg in VIIa omvatten, wordt het tekort afgetrokken van de toe te kennen  hoeveelheden tong VIIa en/of VIIe en/of tong VIIfg voor de periode 1 november 2019 – 31 december 2019. De vaartuigen, die aan wetenschappelijke monitoring Ierse Zee meegewerkt hebben dankzij een voorafname tong tweede toewijsperiode, kunnen deze tong gedeeltelijk compenseren via tong VIIe 2019.

Ingeval de toegang tot de wateren van het VK vanaf 30 maart 2019 zou verboden worden, kunnen de toegekende hoeveelheden in VIIIa,b alsook andere bepalingen worden aangepast. In voorkomend geval met mogelijke verstrengingen kan een nieuwe inschrijvingsronde georganiseerd worden.

De vaartuigen, die in overtreding zijn met het aanwezigheidsverbod in het ICES-gebied VIIIa,b, worden gestraft. Het betreft vaartuigen, die op de lijst "Visvergunningen Golf van Gascogne 2019" voorkomen en er aanwezig zijn vóór 1 juni 2019 om 00 uur. Voor de vaartuigen die niet op de bedoelde lijst voorkomen, is het verbod het gehele jaar 2019 van toepassing.

De strafmaat omvat een korting van 10 vaartdagen. Bovendien zal het vaartuig in 2020 niet toegelaten worden in het ICES- gebied VIIIa,b.

In de Golf van Gascogne geldt de aanlandingsplicht voor de tongvisserij vanaf 1 januari 2016. Boomkorvaartuigen genieten van een uitzondering waarbij maximum 5% van de tongvangst mag teruggegooid worden. Deze uitzondering wordt nationaal per visbestand en per jaar bekeken. De minister heeft een De-minimis quotum (DM) tong VIIIa,b op 16.000 kg bepaald. Bovendien geldt er de minimuminstandhoudingsreferentiemaat voor tong van 25 cm.

Ingeval het Belgisch DM-quotum volledig benut is, wordt de toepassing van DM verboden en moeten ook de ondermaatse vangsten aan boord blijven en van het vangstquotum afgetrokken worden. De ondermaatse soorten kunnen nooit voor directe menselijke consumptie verhandeld worden. Aan de schippers van vaartuigen die de tongvisserij bedrijven, wordt gevraagd de teruggegooide hoeveelheden zorgvuldig in het logboek te rapporteren. Deze hoeveelheden komen niet in mindering van het vangstquotum zolang er een DM-quotum beschikbaar is. Op elk ogenblik van de visreis in VIIIa,b mag de teruggooi in het kader van DM nooit hoger zijn dan 8% van de totale reeds verwezenlijkte tongvangst VIIIa,b. Vanaf het ogenblik dat die drempelwaarde van 8% wordt bereikt, moet de schipper zijn visserijactiviteiten stoppen en het vaartuig minstens 10 nautische mijl verleggen.

Verder wens ik uw aandacht te vestigen op de verplichte toepassing van DM voor tong, dit zolang het DM-quotum toereikend is.

Verder verwijs ik u naar de communautaire bepalingen ingevolge het heekherstelplan in de westelijke wateren, ICES.-gebieden V, VI, VII (behalve VIIa, VIId,e), VIII. In de Golf van Gascogne zijn ingevolge deze regeling onder meer volgende beperkingen van toepassing voor de boomkorvaartuigen.

  1. Max. 5% heek t.o.v. de totale vangst aan boord ingeval van netmaaswijdte van 55 tot 99 mm.
  2. Een bodemsleepnet moet bestaan uit vierhoekige mazen, waarvan de zijden van de maas ongeveer dezelfde lengte hebben.
  3. De kuil van een sleepnet met maaswijdte van minder dan 100 mm moet bevestigd zijn aan het voorste deel van het net door naaien.
  4. De bovenzijde van alle boomkornetten aan boord moet bestaan uit een grootmazig toppaneel met netmazen van tenminste 300 mm (nationale maatregel van toepassing vanaf 1 juni 2013). Dat paneel moet rechtstreeks aan de hoofdlijn (bovenpees) zijn bevestigd of via niet meer dan drie rijen netmateriaal ongeacht welke maaswijdte. Het toppaneel moet zich naar achterkant van het net uitstrekken over een aantal mazen dat wordt berekend door :
    • boomkorlengte in meter te delen door 12;
    • uitkomst te vermenigvuldigen met 5400;
    • uitkomst te delen door maaswijdte in mm van kleinste maas van het toppaneel,
    • cijfers na de komma schrappen.
      • Voorbeeld 1 : boomkorlengte 12 m, kleinste netmaas 300 mm
        1. 12/12 x 5400 x 1/300 = 18 mazen.
      • Voorbeeld 2 : boomkorlengte 9 m, kleinste netmaas 320 mm
        2. 9/12 x 5400 x 1/360 = 11 mazen.
  5. Het gearceerde gebied in de Golf van Gascogne wordt als volgt afgebakend :
    het gebied is gelegen tussen de rechte lijnen die achtereenvolgens de punten met de volgende geografische coördinaten met elkaar verbinden, met uitsluiting van alle delen van dat gebied die zijn gelegen binnen de twaalfmijlsgrens berekend vanaf de basislijnen van Frankrijk :
    48°00' NB, 06°00' WL
    48°00' NB, 07°00' WL
    45°00' NB, 02°00' WL
    44°00' NB, 02°00' WL
    de punten op de kust van Frankrijk gelegen op
    44°00' NB
    45°30' NB
    45°30' NB, 02°00' WL
    45°45' NB, 02°00' WL
    48°00' NB, 06°00' WL
  6. Als algemene regel voorziet de Europese reglementering dat in de ICES-gebieden VIIIa,b met de boomkor mag gevist worden met een maaswijdte van 55-99 mm, behalve in het gearceerde gebied boven de 46°00’ NB gedurende het ganse jaar en in het gearceerde gebied onder de 46°00’ NB gedurende de maanden oktober tot december en januari tot mei.
  7. De maaswijdte voor de visserij op tong is evenwel minstens 70 mm. Er mag niet gevist worden in de 12-mijlszone van de ICES-gebieden VIIIa,b.
  8. Wanneer verplicht gevist wordt met een maaswijdte van minstens 100 mm, moet het net met een maaswijdte van 55-99 mm zijn vastgemaakt en opgeborgen.
  9. Vanaf 1 januari 2016 is het verboden boomkortuigen onder zich te hebben en te gebruiken waarvan de laatste 3 meter van de staart vóór de kuil, niet bestaat uit netmateriaal met minimale maaswijdte van 120 mm, gemeten tussen de knopen.

2 Meerjarenplan tongbestand Golf van Gascogne

2.1 Algemeen

De EG-verordening 388/2006 van de Raad van 23 februari 2006 is van toepassing vanaf 27 maart 2006 en derhalve van kracht voor het gehele Belgisch visseizoen in VIIIa,b.

Teneinde de paaibiomassa van de tong in eerste instantie boven het voorzorgsniveau van 13.000 ton te helpen en te houden, worden regels inzake vaststelling TAC-niveau en beperking van de visserij-inspanning opgelegd.

2.2 Beperking visserij-inspanning

Inzake de visserij-inspanning kan België kiezen uit een capaciteitsbegrenzing, waarbij enkel de vaartuigen die er gevist hebben in 2002 of 2003 of 2004 aldaar verder kunnen vissen. De som van de GT's is beperkend. De Lidstaat kan vervanging van vaartuigen toestaan, voor zover de vaartuigen niet met steun aan de vloot werden onttrokken.

Een tweede mogelijkheid is deze van de kW-zeedagenbeperking 2005, zijnde de som van de producten van het geregistreerd motorvermogen van het vaartuig en de activiteit in VIIIa,b in 2005. Dit niveau kan om de 3 jaar worden herzien.

Er werd aan de Minister voorgesteld te opteren voor de GT-aanpak. Doch met dien verstande dat de vaartuigen die aan de voorwaarden voldoen niet automatisch het recht verwerven aldaar te vissen. Het blijft een gezamenlijk recht voor België, waar geïnteresseerde reders ieder jaar opnieuw kunnen voor intekenen. Indien  er teveel kandidaten zijn, wordt er geloot. Een bepaling die reeds meerdere jaren voorzien is in de Vlaamse wetgeving.

2.3 Controlebepalingen

Bijzondere controlevoorwaarden bij visserij op tong in de Golf van Gascogne.

Een analoge regeling aan deze die in de andere herstelplannen werd ingevoerd, is van toepassing.

De ramingstolerantie voor de tongvangsten wordt herleid tot 10% ten opzichte van het in het logboek vermelde cijfer. De hoeveelheden tong mogen niet met andere soorten mariene organismen vermengd zijn. Er dient aan boord een opslagschema voorhanden te zijn.

Er is met de Franse autoriteiten een gemeenschappelijk controleprogramma overeengekomen teneinde te voorzien in een uitzondering op de EU-bepalingen op verplichte weging bij aanlanding en vóór transport.

De bevoegde autoriteiten kunnen evenwel altijd eisen dat de vangsten bij aanlanding worden gewogen of de containers worden verzegeld.

Uw bijzondere aandacht wordt ook gevraagd voor de correcte invulling en afgifte van de transportdocumenten. Hierin is al een zekere routine ingebouwd, niettemin wordt gevraagd dat de schippers de transporteurs wijzen op deze verplichting.

3 Schol VIIfg

De scholvangsten van vaartuigen worden in VIIf,g per zeereis, gedurende de periode van 01.04.2019 tot en met 31.12.2019, beperkt tot een aantal kg (productgewicht) vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die reis in VIIf,g :

  • maximaal 150 kg voor vaartuigen KVS;
  • maximaal 300 kg voor vaartuigen GVS.

De meer gevangen hoeveelheden kunnen dankzij een uitzondering voor hoge overleving terug in zee gezet worden.

4 Tongschar en witje Noordzee

De totale vangsten van tongschar en witje van een vissersvaartuig worden gedurende de periode 1 april 2019 tot 31 december 2019 per zeereis in de Noordzee beperkt tot een hoeveelheid die gelijk is het aantal vaartdagen van die zeereis in de Noordzee en Schelde-estuarium vermenigvuldigd met een hoeveelheid per vaartdag uitgedrukt in productgewicht:                

  • 500 kg voor vaartuigen van KVS;
  • 1000 kg voor vaartuigen van het GVS.

N.B. de soorten tongschar en witje dienen afzonderlijk gerapporteerd te worden.

5 Tarbot en griet Noordzee

De Europese Commissie heeft de Gemeenschappelijke Aanbevelingen van de Scheveningen Groep om met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2019 de de-minimis uitzondering voor tarbot gevangen met de boomkor toe te staan, verworpen. Pogingen om dit alsnog te kunnen rechtzetten zijn mislukt.

Bijgevolg zijn de algemene bepalingen van de aanlandingsplicht van toepassing en moet alle gevangen tarbot en griet gevangen in de Noordzee aan boord gehouden en aan land gebracht worden.  Deze bepaling is onmiddellijk van toepassing.

De minimuminstandhoudingsreferentiematen voor tarbot en griet worden teruggebracht van 32 cm naar 27 cm.

De aangevoerde tarbot en griet uit de Noordzee van minder dan 27 cm mag geenszins voor menselijke consumptie worden verkocht. De tarbot en griet gevangen buiten de Noordzee valt niet onder de aanlandingsplicht en mag terug in zee gezet worden.

In de Scheveningen Groep wordt nu ingezet om een uitzondering hoge overleving voor tarbot gevangen met de boomkor in de Noordzee te bekomen voor het volgende visseizoen met ingang van 1 januari 2020.