Schadevergoeding bij een landbouwramp

Wat te doen als landbouwer bij schade?

In de eerste fase is het belangrijk dat u als land- of tuinbouwer zo veel mogelijk bewijsmateriaal van de schade verzamelt. Als land- of tuinbouwer kunt u de gemeente waarin de percelen zijn gelegen, ook vragen dat de gemeentelijke schattingscommissie langskomt om de schade vast te stellen. Het is niet wettelijk vastgelegd hoe u een bezoek van de gemeentelijke schadecommissie vraagt, maar schriftelijk wordt aanbevolen. Bij deze aanvraag deelt u best al zo veel mogelijk elementen mee, zoals: informatie uit de verzamelaanvraag van de lopende campagne, de getroffen percelen en de grootte, de getroffen gewassen, het geschatte schadepercentage per perceel,...

Indien er zich in de loop van 2019 nog een uitzonderlijk weersfenomeen zou voordoen, dan blijft de procedure ongewijzigd ten opzichte van voorgaande jaren

Werking schattingscommissie

Omzendbrief 'Richtlijnen voor Commissie tot vaststelling van schade aan teelten'

De gemeentelijke schadecommissie moet de geleden schade in twee stappen vaststellen: een eerste maal, meteen na het natuurverschijnsel dat de schade veroorzaakte, en een tweede maal, net vóór de oogst (bij een nulopbrengst en totale vernietiging van de oogst is een tweede vaststelling niet nodig en wordt dit zo vermeld op de door de schattingscommissie opgemaakte processen-verbaal).

  • de gemeente moet zorgen voor een geldige minimale samenstelling van de schattingscommissie (minimum 3 deelnemers) en voor een geldige verslaggeving;
  • voor de verslaggeving wordt volgend model van proces-verbaal gebruikt:
  • het proces-verbaal moet voorzien zijn van minstens drie handtekeningen, met name van een vertegenwoordiger van de gemeente en van twee landbouwers-experten;
  • enkel met geldige processen-verbaal tot vaststelling van de schade kan later rekening worden gehouden bij een eventuele erkenning als landbouwramp.

Erkenning als landbouwramp

Wanneer er zich mogelijks een (landbouw)ramp heeft voorgedaan, is het de taak van de getroffen gemeente om daar zo veel mogelijk gegevens over te verzamelen.

We spreken van een landbouwramp wanneer een natuurverschijnsel (regen, droogte, vorst, wind, ...) een uitzonderlijk karakter heeft of van een uitzonderlijke hevigheid is, of wanneer er een massale en onvoorzienbare plaag van schadelijke organismen optreedt, die hebben gezorgd voor belangrijke en algemene vernielingen van gronden, teelten of oogsten. Let op: hagelschade komt niet in aanmerking voor vergoeding uit het landbouwrampenfonds, omdat u zich als land- of tuinbouwer kan verzekeren tegen schade door hagel.

De gemeente zal deze informatie op vraag van het Departement Landbouw en Visserij dan overmaken aan de provinciale buitendienst van het Departement Landbouw en Visserij.

Het Departement Landbouw en Visserij verzamelt alle wetenschappelijke en financiële informatie die nodig is om een dossier samen te stellen om de erkenning van de landbouwramp aan de minister van Landbouw te vragen. Om een natuurverschijnsel te laten erkennen als landbouwramp, moeten een aantal voorwaarden worden vervuld. Het gaat dan om het totale bedrag van de schade en een maximale terugkeerperiode of frequentie van het natuurverschijnsel.

De minister van Landbouw legt dat vervolgens aan de Vlaamse Regering voor. Als een natuurverschijnsel effectief als uitzonderlijk beschouwd wordt en de omvang van de schade aanzienlijk is, kan de Vlaamse Regering beslissen over de erkenning als landbouwramp.

Daarna volgt de publicatie in het Belgisch Staatsblad. Pas na de verschijning in het Staatsblad is er officieel sprake van een erkende landbouwramp.

Hebben niet enkel de landbouwgewassen schade geleden en zijn er door het natuurverschijnsel ook andere burgers dan landbouwers getroffen? Dan kan het natuurverschijnsel worden erkend als algemene ramp.

Vraag om schadevergoeding

Als de landbouwramp officieel erkend werd, dan hebt u drie maanden de tijd (vanaf de maand die volgt op de publicatie in het Belgisch Staatsblad) om uw aanvraag tot schadevergoeding in te dienen bij de provinciale buitendienst van het Departement Landbouw en Visserij. Deze laatste behandelt de dossiers en neemt de beslissing over de vergoeding.

De tegemoetkomingsaanvraag moet gebeuren aan de hand van het formulier dat door het Departement wordt ter beschikking gesteld.

Indien de schade werd vastgesteld door een gemeentelijke schattingscommissie, dan hoeft u de ’processen-verbaal niet meer mee te sturen met de tegemoetkomingsaanvraag. De ’processen-verbaal zullen rechtstreeks bij de gemeentes worden opgevraagd.

Contact

De documenten dienen overgemaakt te worden  aan de provinciale buitendienst van het Departement Landbouw en Visserij-Inkomenssteun

Vlaams Administratief Centrum
Lange Kievitstraat 111-113 bus71
2018 ANTWERPEN
Inkomenssteun.antwerpen@lv.vlaanderen.be | T 03 224 92 00 | F 03 224 92 01

Vlaams Administratief Centrum
Diestsepoort 6 bus101
3000 LEUVEN
Inkomenssteun.vlaamsbrabant@lv.vlaanderen.be | T 016 66 61 40 | F 016 66 61 41

Vlaams Administratief Centrum
Koningin Astridlaan 50 bus 6
3500 HASSELT
Inkomenssteun.limburg@lv.vlaanderen.be | T 011 74 26 50 | F 011 74 26 69

Vlaams Administratief Centrum
Koning Albert I-Laan 1.2 bus 101
8200 BRUGGE
Inkomenssteun.westvlaanderen@lv.vlaanderen.be | T 050 24 76 20 | F 050 24 76 01

VAC- Virginie Lovelinggebouw
Koningin Maria Hendrikaplein 70 bus 101
9000 GENT
Inkomenssteun.oostvlaanderen@lv.vlaanderen.be | T 09 276 29 00 | F 09 276 29 05