Hoe lang is de wachttijd na het toedienen van een geneesmiddel aan dieren?

  • Als de wachttijd vermeld staat op het etiket van het geneesmiddel en als het verschillend is van 0, dan bedraagt de wachttijd het dubbele van de aangegeven wachttijd.
  • Als de wachttijd niet vermeld staat, dan bedraagt de wachttijd niet minder dan het dubbele van:
    • 7 dagen voor eieren
    • 7 dagen voor melk
    • 28 dagen voor vlees van pluimvee en van zoogdieren, met inbegrip van vet en afval
    • 500 graaddagen voor visvlees
  • In alle andere gevallen bedraagt de wachttijd 48 uur.

Deze informatie is gebaseerd op volgende wetgeving:

  • Verordening (EG) nr. 889/2008, artikel 24, punt 5

De wachttijd tussen de laatste toediening van een allopathisch geneesmiddel voor diergeneeskundig gebruik aan een dier onder normale gebruiksomstandigheden en de productie van biologisch geproduceerde levensmiddelen afkomstig van dergelijke dieren dient het dubbele van de in artikel 11 van Richtlijn 2001/82/EG te bedragen of, indien een dergel?ke periode niet is bepaald, 48 uur.

  • Richtlijn 2001/82/EG, artikel 11, punt 2

2. de bepalingen van lid 1 zijn van toepassing op voorwaarde dat de farmacologisch werkzame stoffen in het geneesmiddel zijn opgenomen in bijlage I, II of III bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 en de dierenarts een passende wachttijd vaststelt.

Tenzij op het gebruikt geneesmiddel de wachttijd voor de betrokken diersoorten is aangegeven, mag de opgegeven wachttijd niet minder bedragen dan:

  • 7 dagen: voor eieren
  • 7 dagen: voor melk
  • 28 dagen: voor vlees van pluimvee en van zoogdieren, met inbegrip van vet en afval
  • 500 graaddagen: voor visvlees.

[…]

Voor homeopatische geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik waarvan de werkzame bestanddelen zijn vermeld in bijlage II van Verordening (EEG) nr. 2377/90, bedraagt de in lid 2, tweede alinea bedoelde wachttijd nul.