Landbouw gebruikt minder energie

In 2014, het warmste jaar sinds het begin van de klimatologische metingen, daalde het totale netto primaire energiegebruik door de Vlaamse  landbouw onder de 24 petajoule. De glastuinbouw blijft de grootste energiegebruiker, maar het aandeel ervan zakt van 53% in 2007 naar 42% in 2014. Dat blijkt uit een nieuw rapport over de milieu-impact van de Vlaamse land- en tuinbouw, dat meteen ook een achtergronddocument is bij het Landbouwrapport 2016, ‘Voedsel om over na te denken’.

Vanaf 2010 is de landbouw door warmte-krachtkoppelingsinstallaties en zonnepanelen een nettoproducent van elektriciteit geworden. De sector produceerde in 2014 door de WKK-installaties in eigen beheer netto 6.678 terajoule elektriciteit. Aardgas is de belangrijkste energiedrager in de land- en tuinbouw. Het aandeel ervan steeg van 21% in 2007 naar 57% in 2014. Het aandeel stookolie, LPG en benzine daalde in dezelfde periode lichtjes van 39% naar 34%, terwijl biomassa groeide naar 14%. Zware stookolie en steenkool houden nog maar enkele percentjes over.

De landbouw gebruikt bijna 3 miljoen kg actieve stof aan gewasbeschermingsmiddelen. De meeste middelen zijn bestemd voor de aardappelteelt (30%) en fruitteelt (23%). In de tomatenteelt onder glas zijn de landbouwers erin geslaagd het gemiddelde gebruik van gewasbeschermingsmiddelen sterk terug te dringen. Fungiciden zijn de omvangrijkste toepassingsgroep (45%), gevolgd door herbiciden (34%) en insecticiden (7%). Het totaal aan fungiciden heeft de negatiefste impact op het milieu (in verspreidingsequivalenten een Seq-aandeel van 51%).

Het totale watergebruik daalt tot 51,5 miljoen m³. Ruim 60% van het water pompen de landbouwers zelf op uit de grond. Het aandeel hemelwater is toegenomen van 25% in 2007 naar 30% in 2014, terwijl het aandeel leidingwater bijna gehalveerd is tot 7%. Vanuit milieustandpunt is de glastuinbouw de beste leerling, ze vangt veel hemelwater op via de serres en stockeert het in bassins.

Het kunstmestgebruik komt op 78,4 miljoen kg stikstof, bijna 2,3 miljoen kg fosfor en 24,3 miljoen kg kalium. Het gemiddelde kunstmestgebruik per hectare hangt af van de gewasbehoefte. Het steeds strenger wordende mestactieplan en de kunstmestprijzen hebben een zichtbaar effect op het gebruik.

Deze data zijn afkomstig van het Landbouwmonitoringsnetwerk (LMN), een representatieve steekproef van een 750-tal land- en tuinbouwbedrijven. Na extrapolatie naar de landbouwtelling van de FOD Economie ontstaat een beeld van de gehele Vlaamse beroepslandbouw.

Het rapport is beschikbaar op www.vlaanderen.be/landbouw/studies .

Meer informatie

Woordvoerder Landbouw en Visserij
Nele Vanslembrouck | Tel. 02 552 77 17
nele.vanslembrouck@lv.vlaanderen.be

Persverantwoordelijke Landbouw en Visserij
Eef Goossens | Tel. 02 552 77 67
eef.goossens@lv.vlaanderen.be

Meer info over het beleidsdomein Landbouw en Visserij:

Het beleidsdomein Landbouw en Visserij valt onder de bevoegdheid van Joke Schauvliege: Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw.

Het beleidsdomein Landbouw en Visserij maakt deel uit van de Vlaamse overheid en omvat het Departement Landbouw en Visserij, het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO), het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) en de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij (SALV).

Meer info kan u vinden op www.vlaanderen.be/landbouw