Nieuwe cijferwebsite zorgt voor betere verspreiding van en kennis over cijfers en grotere transparantie van markt- en prijsgegevens

Schermafbeelding van de startpagina website Landbouwcijfers met grote sfeerfoto en zoekbalk

Het Departement Landbouw en Visserij wil iedereen meer toegang geven tot cijfers over de Vlaamse land- en tuinbouw. Zowel data over de diverse sectoren als prijsinformatie krijgen een plaats op een gloednieuwe cijferwebsite. De lancering van de website valt samen met de publicatie van het tweejaarlijkse Landbouwrapport (LARA) en Visserijrapport (VIRA). 

Elke twee jaar publiceert het Departement Landbouw en Visserij een actuele synthese van de Vlaamse land- en tuinbouw op basis van de laatst beschikbare cijfers. Deze keer gaat dit gepaard met de lancering van een unieke cijferwebsite die deze data beschikbaar maakt. De data tonen aan dat land- en tuinbouw nog steeds een belangrijke economische sector is, gekenmerkt door innovatie, specialisatie en verbreding. Vlaanderen telt in 2019 23.318 landbouwbedrijven. Ze bewerken samen 621.702 hectare grond of 46% van de totale Vlaamse grondoppervlakte. De sector realiseert een productiewaarde van 6 miljard euro. De vijf belangrijkste subsectoren zijn varkens, melk en melkderivaten, groenten, runderen en sierteelt. Landbouw produceert niet alleen voedsel, maar levert ook ecosysteemdiensten zoals natuur- en landschapsbeheer en is als leverancier van biomassa de basis van de bio-economie.

Het aandeel gespecialiseerde (89%) landbouwbedrijven, dit zijn bedrijven die minstens 2/3 van hun totale output uit een bepaalde teelt(groep) halen, en gemengde (11%) landbouwbedrijven bleef de afgelopen twintig jaar nagenoeg constant. Wat niet gelijk bleef, is het percentage veeteeltbedrijven. Dat zakte tussen 2001 en 2019 van 59% naar 48%. De tuinbouwsector daalde in aandeel bedrijven ook van 17% naar 12%. De enige stijger is de subsector akkerbouw: van 13% naar 29%. Mogelijke oorzaken hiervoor zijn de toename van het areaal aardappelen (waardoor een aantal niet-akkerbouwbedrijven overschakelden op akkerbouw) en veeteeltbedrijven die de veestapel afbouwen of stopzetten.

Het Landbouwrapport stelt voor het landbouwinkomen grote verschillen vast tussen sectoren, een grote volatiliteit over de verschillende jaren heen en, ‘last but not least’, ook grote verschillen tussen de bedrijven in één sector. Het netto bedrijfsresultaat per familiale arbeidskracht is op basis van een analyse voor de periode 2014-2018 zeer positief voor groenten onder glas. De varkenshouderij draait min of meer break-even. Maar het resultaat is vooral bij vleesvee, maar ook bij melkvee en fruit, en in iets mindere mate bij de akkerbouw, negatief. De technische kengetallen wijzen erop dat er in de voorbije decennia een sterke productiviteitstoename geweest is in de landbouw. Dat heeft echter niet geleid tot een stijging van het landbouwinkomen. De kosten van inputs  als meststoffen, voeder en energie stijgen in verhouding tot de productiewaarde. Tegelijk daalt het aandeel dat de landbouwer overhoudt van de prijs van de voeding in de winkel. 

Hilde Crevits, Vlaams minister van landbouw: ‘Voldoende en volledige informatie is uitermate belangrijk, voor onze landbouwers om te ondernemen, maar ook om beleidskeuzes op te baseren. Met deze rapporten en de nieuwe cijferwebsite zorgen we er alvast voor dat we die informatie op een centrale plek beschikbaar stellen. De website is een echte nieuwe digitale encyclopedie. Je vindt er een schat aan informatie, heel fijnmazig  op Vlaamse, provinciale en gemeentelijke schaal.’

Patricia De Clercq, secretaris-generaal Departement Landbouw en Visserij: ‘Ook voor land-en tuinbouwers is verandering uitermate belangrijk. Innovatie zorgt voor meer diversiteit en veerkracht binnen onze land- en tuinbouwbedrijven zelf. Die veerkracht maakt het verschil in tijden van pandemie, klimaatverandering of economische crisis. Het Departement Landbouw en Visserij wil daarom nieuwe evoluties in de land- en tuinbouw en de visserij door middel van data zo scherp mogelijk in beeld brengen. Zo kan elke land- of tuinbouwer en visser zijn/haar juiste bedrijfskeuzes maken. Ik denk dat we met de lancering van de cijferwebsite een grote stap vooruit gezet hebben in de ondersteuning van land- en tuinbouwers bij het nemen van hun bedrijfsbeslissingen.’ 

Het afgelopen jaar was voor de visserijsector door de permanente dreiging van de brexit en de coronacrisis een apart jaar. De uitdagingen voor de visserij zijn groot, maar er is ook hoop door de aangekondigde vernieuwing van de Belgische vissersvloot. De zeevisserijvloot bestaat in 2020 uit 64 commerciële vaartuigen, goed voor een aanvoer van 18.306 ton en een aanvoerwaarde van 74,3 miljoen euro euro. De Vlaamse visserij bevist meerdere bestanden tegelijk, maar twee vissoorten springen eruit. Pladijs en tong nemen respectievelijk 20% en 15% van het aangevoerde visvolume voor hun rekening. Tong staat garant voor 42% van de waardecreatie. De Vlaamse rederijen zijn doorgaans familiebedrijven met één vaartuig. Er zijn 370 erkende zeevissers.

De nieuwe cijferwebsite en de twee rapporten zijn beschikbaar op www.vlaanderen.be/landbouwcijfers en www.vlaanderen.be/visserijcijfers.