Visserij: Aanvullende quotamaatregelen zeevisserij vanaf 1 juli 2019

Quotamaatregelen zeevisserij met ingang van 1 juli 2019, aanvullend bij het rondschrijven van 15 mei 2019.

Toewijzing van vangstmogelijkheden volgens motorvermogen / vast recht
Groot vlootsegment (GVS) – Periode 1 juli 2019 – 31 oktober 2019

Tong II, IV - GVS

Aan de vissersvaartuigen van het GVS wordt in de ICES.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 juli 2019 tot en met 31 oktober 2019 een hoeveelheid tong toegekend, die gelijk is aan 5.000 kg, vermeerderd met een hoeveelheid die gelijk is aan 17 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

In afwijking van lid één wordt aan de vissersvaartuigen, die uitsluitend de passieve visserij bedrijven voor de periode 1 januari 2019 tot 31 oktober 2019 een hoeveelheid tong in de Noordzee per vaartuig toegekend, die gelijk is aan 6.500 kg vermeerderd met 40 kg per kW, uitgedrukt in productgewicht.

Bijkomende bepalingen:

  • De overbevissing van de toegewezen hoeveelheid tong per vissersvaartuig gedurende het eerste semester wordt na vermenigvuldiging met een strafcoëfficiënt 1,20 automatisch afgeboekt van de toegekende hoeveelheid voor de overeenkomstige periode 2020.
  • De onderbenutting van de toegewezen hoeveelheid tong per vissersvaartuig gedurende het eerste semester komt te vervallen.
  • De overbevissing in de periode 1 juli – 31 oktober 2019 zal na vermenigvuldiging met een strafcoëfficiënt 1,20 afgeboekt worden van de aan het vissersvaartuig toegekende hoeveelheden tong in de Noordzee in de overeenkomstige periode 2020.
  • Indien het vissersvaartuig de hem toegewezen hoeveelheid tong overschrijdt, kan zijn visvergunning worden ingetrokken voor een periode van ten minste vijf opeenvolgende dagen. Tijdens deze periode moet het vissersvaartuig inactief liggen in een Belgische vissershaven.
  • De periode vangt aan op de derde dag volgend op de notificatie van de intrekking van de visvergunning, die de Dienst Zeevisserij per aangetekend schrijven aan de eigenaar van het betrokken vissersvaartuig zal toesturen.

Schol II, IV - GVS

Aan de vissersvaartuigen met een motorvermogen van het GVS wordt in de ICES.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 juli 2019 tot en met 31 oktober 2019 een hoeveelheid schol toegekend die gelijk is aan 350 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid schol wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

De bijkomende bepalingen zijn analoog met deze vermeld onder punt 1.1.

Tong VIIa – GVS

Aan de vissersvaartuigen van het GVS wordt in de ICES.-gebieden VIIa  (Ierse Zee) voor de periode 1 juli 2019 tot en met 31 oktober 2019 boven de toegekende hoeveelheden voor wetenschappelijke doeleinden een hoeveelheid tong toegekend die gelijk is aan 8.000 kg. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

De vaartuigen, die op de lijst Golf van Gascogne 2019 voorkomen, mogen zoals reeds langer bekend niet vissen in de Ierse Zee gedurende de periode 1 juli 2019 tot 31 oktober 2019. Dit verbod blijft onverkort van kracht.

Tong VIIf,g – GVS

Aan de vissersvaartuigen van het GVS en die niet op de lijst “Visvergunningen Golf van Gascogne 2019” voorkomen, wordt in de ICES.-gebieden VIIfg voor de periode 1 juli 2019 tot en met 31 oktober 2019 een hoeveelheid tong toegekend, die gelijk is aan 8 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid tong wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

Aan de vissersvaartuigen, die op de lijst “Visvergunningen Golf van Gascogne 2019” voorkomen, wordt in de ICES.-gebieden VIIfg voor de periode 1 juli 2019 tot en met 31 oktober 2019 geen tong toegekend.

De bijkomende bepalingen zijn analoog met deze vermeld onder punt 1.1.

Kabeljauw II, IV – GVS

Aan vissersvaartuigen van het GVS, waarvoor de eigenaars voor 15 juli 2019 een geldige aanvraag voor toewijzing per kW bij de Dienst hebben ingediend wordt in de ICES.-gebieden II, IV (Noordzee en Schelde-estuarium) voor de periode 1 juli 2019 tot en met 31 oktober 2019 een hoeveelheid kabeljauw toegekend die gelijk is aan 3.500 kg, vermeerderd met een hoeveelheid die gelijk is aan 18 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig eventueel vermeerderd met het bijkomend motorvermogen, uitgedrukt in kW. De hoeveelheid kabeljauw wordt uitgedrukt in aanvoergewicht.

De bijkomende bepalingen zijn analoog met deze vermeld onder punt 1.1.

Kabeljauw VIIb-c, VIIe-k, VIII – GVS

Vanaf 1 juli 2019 tot en met 31 december 2019 wordt in de ICES-gebieden VIIbc, VIIe-k, VIII een maximale bijvangsthoeveelheid kabeljauw van 1000 kg op vaartuigniveau  toegekend.

Voor de vaartuigen, die volgens de Officiële lijst der Belgische Zeeschepen 2019 uitsluitend zijn uitgerust met de planken of de zegen, worden deze hoeveelheden verdubbeld.

In het kader van de-minimis kan gedurende een zeereis in het betrokken gebied 10% kabeljauw in zee teruggezet worden. Ingeval deze drempelwaarde wordt bereikt, moet de schipper zijn visserijactiviteiten stoppen en het vaartuig minstens 10 nautische mijl verleggen.

Toewijzing van vangstmogelijkheden volgens motorvermogen.
Klein vlootsegment (KVS) – periode 1 januari 2019 – 31 oktober 2019

Behoudens de volgende vangstbeperkingen voor kabeljauw in de Westelijke Wateren zijn er  geen wijzigingen te melden:

Kabeljauw VIIb-c, VIIe-k, VIII – KVS

Vanaf 1 juli 2019 tot en met 31 december 2019 wordt in de ICES-gebieden VIIbc, VIIe-k, VIII een maximale bijvangsthoeveelheid kabeljauw van 1000 kg op vaartuigniveau  toegekend.

Voor de vaartuigen, die volgens de Officiële lijst der Belgische Zeeschepen 2019 uitsluitend zijn uitgerust met de planken of de zegen, worden deze hoeveelheden verdubbeld.

Toewijzing van vangstmogelijkheden per zeereis

Kabeljauw Noordzee

Deze hoeveelheden kunnen uiteraard niet gecombineerd worden met de hoeveelheden toegekend per kW.

De kabeljauwvangst in de periode van 01.07.2019 tot en met 31.12.2019 van vaartuigen wordt in de Noordzee per zeereis beperkt tot een aantal kg, uitgedrukt als productgewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die zeereis in dat gebied en wel als volgt.

  • 400 kg voor vaartuigen van het KVS
  • 800 kg voor vaartuigen van het GVS.

Tijdens visreizen in de Noordzee waar gewerkt wordt met grote netmaaswijdtes van groter dan 100 mm in de bordenvisserij (TR 1) of groter dan 120 mm in de boomkorvisserij (BT 1) mogen bovenstaande plafonds met 400 kg per vaartdag worden verhoogd.

Tong VIIhjk

De tongvangsten van vissersvaartuigen van het GVS worden vanaf 1 juli 2019 tot 31 december 2019 in de ICES.-gebieden VIIhjk per zeereis beperkt tot 350 kg, uitgedrukt als productgewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die zeereis in de betrokken gebieden.

Schelvis  VIIb-k, VIII

De schelvisvangst van vissersvaartuigen wordt in de periode van 1 juli 2019 tot en met 31 december 2019 in de ICES-gebieden VIIb-k, VIII per zeereis beperkt tot een aantal kg, uitgedrukt als productgewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die zeereis in de betrokken gebieden en wel als volgt:

  • 10 kg voor vaartuigen van het KVS
  • 20 kg voor vaartuigen van het GVS.

Rog II, IV

De rogvangst van vissersvaartuigen wordt in de periode van 1 juli 2019 tot en met 31 december 2019 in de ICES-gebieden II, IV per zeereis beperkt tot een aantal kg, uitgedrukt als productgewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen van die zeereis in de betrokken gebieden en wel als volgt:

  • 200 kg voor vaartuigen van het KVS
  • 400 kg voor vaartuigen van het GVS.

Voor de vaartuigen, die volgens de Officiële Lijst der Belgische Zeeschepen 2019 uitsluitend zijn uitgerust met de planken worden de maximaal toegelaten hoeveelheden verdubbeld.

Paling

Het is in de periode vanaf 1 november 2019 tot en met 31 december 2019 voor alle  vissersvaartuigen in alle ICES-gebieden verboden om paling van meer dan 12 cm te vangen.