Visserij: Europese visserijraad legt quota visvangst voor eerste drie maanden 2021 vast

Op de jaarlijkse Europese visserijraad werd een akkoord bereikt waarmee de vissers zekerheid werd geboden over de visquota die ze in de eerste 3 maanden van 2021 zullen kunnen gebruiken

Elk jaar in december wordt er op Europees niveau beslist hoeveel vis de verschillende lidstaten het volgende jaar in de verschillende zeegebieden mogen opvissen. Dit jaar is de situatie anders omdat er nog geen beslissing is gevallen over de Brexit.  De helft van de visvangst van de Belgische vissers komt uit Britse wateren. Om de visbestanden zoveel mogelijk op een duurzaam niveau te houden wordt er rekening gehouden met wetenschappelijke adviezen. De Belgische vissers werken actief mee aan de gegevensverzameling die nodig is voor de opmaak van de wetenschappelijke adviezen onder begeleiding van de Rederscentrale en het wetenschappelijk team van het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingonderzoek (ILVO).

Voor 2021 heeft de Europese Commissie een tijdelijke oplossing uitgewerkt

De Europese lidstaten hebben afgesproken om hun vissers toelating te geven om maximaal 25% van hun vangstmogelijkheden van het afgelopen jaar 2020, op te vissen  in het eerste kwartaal van 2021. De vissers mogen dit combineren met een beperkt gedeelte van de hoeveelheden die ze dit jaar niet konden opvissen. Dit om de seizoensgebonden visserij die in de eerste maanden van het jaar in verhouding groter is dan later in het jaar, alle kansen te geven. Concreet is deze toelating vooral belangrijk voor de vangsten van tong en schol in het Kanaal. In de Westelijke wateren kunnen onze vissers naast de gewone hoeveelheid voor tong, schol en zeeduivel meer scharretong vangen. Daarnaast zijn er ook gebieden waar onze vissers in het eerste kwartaal niet komen zoals de Golf van Biscaje.

In een volgende Europese Visserijraad, in de eerste maanden van 2021, worden dan de definitieve vangstmogelijkheden voor 2021 vastgelegd.

België was al van bij het begin voorstander van deze ‘roll over’-aanpak, gelet op de tijdsnood en de blijvende onzekerheid over de lopende Brexit-onderhandelingen. Door de meest pragmatische oplossing naar voor te schuiven heeft de visserijsector toch enig houvast in deze onzekere tijden. Toch stelt de beperkte beschikbaarheid ook de Belgische visserijsector voor uitdagingen, vooral voor de visbestanden waarvoor ze slechts beperkte jaarlijkse vangstmogelijkheden heeft of voor haar seizoensgebonden visserij in het oostelijk deel van het Kanaal (voornamelijk tussen december en februari).

Meer informatie en updates vindt u op Brexit: impact voor landbouw en zeevisserij.