Weigering invoer

In volgende gevallen weigeren de bevoegde autoriteiten van de lidstaten de invoer,zonder dat zij enig aanvullend bewijs hoeven te vragen of een bijstandsverzoek aan de vlaggenstaat hoeven te bezorgen:

  • De importeur heeft geen vangstcertificaat kunnen overleggen;
  • De in te voeren producten zijn niet dezelfde als degene die in het vangstcertificaat zijn vermeld;
  • Het vangstcertificaat is niet gevalideerd door de overheid van de vlaggenstaat;
  • Het vangstcertificaat bevat niet alle vereiste gegevens;
  • De importeur is niet in staat te bewijzen dat de producten voldoen aan de gestelde voorwaarden bij onrechtstreekse invoer;
  • Een vissersvaartuig dat op het vangstcertificaat vermeld staat, is opgenomen op de communautaire lijst van IUU-vaartuigen;
  • Het vangstcertificaat is gevalideerd door de autoriteiten van een vlaggenstaat die aangemerkt is als niet-meewerkend land.

Na bijstandsverzoek weigeren de bevoegde autoriteiten de invoer in de Europese Unie in de volgende gevallen:

  • De bevoegde autoriteiten hebben een antwoord ontvangen waarin staat dat de exporteur niet gerechtigd was om de validering van een vangstcertificaat te verzoeken;
  • De bevoegde autoriteiten hebben een antwoord ontvangen waarin staat dat de producten niet aan de instandhoudings- en beheersmaatregelen voldoen;
  • De bevoegde autoriteiten hebben binnen de gestelde termijnen geen antwoord ontvangen;
  • De bevoegde autoriteiten hebben een antwoord ontvangen dat de in het verzoek gestelde vragen niet afdoende beantwoorden.

Als de invoer van visserijproducten wordt geweigerd, kunnen de lidstaten die producten in beslag nemen en vernietigen, zich ervan ontdoen of verkopen overeenkomstig de nationale wetgeving. De opbrengsten van de verkoop mogen voor liefdadigheidsdoeleinden worden gebruikt.

In België zijn in dit verband de bepalingen van het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid bindend.