Analyse van de beschikbare informatie inzake de verschillende groepen verbrede landbouwactiviteiten

Universiteit Gent – vakgroep landbouweconomie en Idea Consult, in opdracht van Departement Landbouw en Visserij

Analyse van de beschikbare informatie inzake de verschillende groepen verbrede landbouwactiviteiten

Verbreding van landbouwactiviteiten is een steeds belangrijker wordend begrip op Vlaamse landbouwbedrijven. Onder verbreding wordt algemeen begrepen: een inkomen halen uit (nieuwe) activiteiten naast deze die behoren tot de klassieke kerntaken op het landbouwbedrijf. Hiertoe behoren o.a. activiteiten als thuisverwerking en -verkoop van hoeveproducten, hoevetoerisme, zorgboerderijen, landschaps- en natuurbeheer,…

Verbrede landbouw is in deze studie gedefinieerd op basis van inkomens- en activiteitenverbreding. Landbouwers kunnen hun inkomen verbreden door de verkoop van producten en diensten en door het uitbesteden van de productiefactoren van hun landbouwbedrijf. Verbreding doen ze als bijkomende activiteiten naast hun landbouwproductie. Die bijkomende activiteiten kunnen productiegebonden, productgebonden tot zelfs bedrijfsgebonden worden uitgevoerd. Om van verbreding te kunnen spreken moet er wel nog steeds een link zijn met de landbouwproductie.

Activiteiten zoals biologische landbouw of bepaalde beheersovereenkomsten (bv mechanische onkruidbestrijding) zijn niet als verbreding opgenomen in de studie omdat ze betrekking hebben op een aanpassing of wijziging van de landbouwproductiewijze, te dicht aansluiten of gewoon deel uitmaken van een bestaande productiewijze en dus geen extra activiteit op zich vormen. Daarentegen gebeuren de beheersovereenkomsten weidevogelbeheer en kleine landschapselementen wel naast de bestaande productie en zijn ze in deze studie als verbrede landbouw beschouwd, respectievelijk als ‘agrarisch natuurbeheer’ en ‘agrarisch landschapsbeheer’.

In de studie zijn vier groepen verbrede landbouw geïdentificeerd:

  • Verbreding door sociaal-toeristische activiteiten met o.a. hoevetoerisme, dagrecreatie en –educatie en sociale activiteiten zoals zorgboerderijen,
  • Verbreding door integratie van milieu, natuur en landschap in de bedrijfsvoering, waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen agrarisch natuurbeheer en agrarisch landschapbeheer,
  • Verbreding door productie en afzet van landbouwproducten of –diensten zoals hoeveproducten, energie en nieuwe consumptiegoederen,
  • Verbreding door uitbesteding van productiefactoren aan derden zoals grond en gebouwen, machines, dieren en menselijk kapitaal.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van het uniek aantal landbouwbedrijven per verbredingscategorie
Type verbreding Aantal
Sociaal-toeristische activiteiten 371
Milieu, natuur en landschap 3.061
Productie en afzet 866
Uitbestedingproductiefactoren 346
TOTAAL 4.644

Bron: Toestandsrapport verbrede landbouw (2007)

In totaal doen zo 4.644 landbouwbedrijven (of 1/7 van de 33.272 Vlaamse bedrijven) aan één of meerdere vormen van verbreding.

Deze resultaten liggen lager dan de bevindingen van eerdere studies van de Universiteit Gent in de Brusselse Rand en West-Vlaanderen. Het verschil ligt voornamelijk in het feit dat activiteiten zoals bepaalde agro-milieumaatregelen (zoals biologische landbouw, nieuwe teelten, bepaalde beheersovereenkomsten) niet in rekening worden gebracht.

Wanneer verbrede landbouw in tijdsperspectief gezet wordt, blijkt vooral het aantal bedrijven in de categorie Sociaal-toeristische activiteiten sterk toegenomen sinds 2000, zeker wat de bedrijven met groene zorg betreft (sinds 2003) maar ook wat de bedrijven met toeristische activiteiten betreft. Dit gaat ook op voor het agrarisch natuurbeheer (bijvoorbeeld weidevogelbeheer) en het agrarisch landschapsbeheer (kleine landschapselementen). De categorieën Productie en afzet en Uitbesteding productiefactoren bleven de laatste jaren relatief constant.

Algemeen kan gesteld worden dat bedrijven die aan een of ander vorm van verbreding doen tot de middencategorie of categorie van grote bedrijven behoren. Het opleidingsniveau van de verbreders is gemiddeld hoger dan dat van niet-verbreders. Zowel uit de jongere (onder de 35) als oudere (ouder dan 55 jaar) leeftijdsklassen komen weinig verbreders.

Beschikbaarheid: downloadbaar in PDF-formaat

Vermenigvuldiging of overname van gegevens zijn toegestaan mits expliciete bronvermelding:

Van Huylenbroeck G., Reymen D., Vandermeulen V., Van Dingenen K., Verspecht A. & Vuylsteke A. (2007)  Toestandsrapport voor verbrede landbouw.  Analyse van de beschikbare informatie inzake de verschillende groepen verbrede landbouwactiviteiten, Universiteit Gent, Idea Consult, Brussel.

© Vlaamse overheid

Koning Albert II-Laan 35, bus 40 - 1030 Brussel (wegbeschrijving)
Tel. 02 552 78 20 | kennis@lv.vlaanderen.be