Externe mestopslag: inventarisatie van opslagsystemen en bepaling van ammoniak-,lachgas- en methaanemissies uit deze systemen

Ecolas, in opdracht van: Departement Landbouw en Visserij en Departement Leefmilieu, Natuur en Energie

Externe mestopslag: inventarisatie van opslagsystemen en bepaling van ammoniak-,lachgas- en methaanemissies uit deze systemen

Uit de emissie-inventarisatie Vlaanderen blijkt dat de landbouwsector een belangrijke bijdrage levert tot de emissies van CH4, N2O en NH3. Een relatief onbekende factor zijn de emissies uit externe mestopslag.

In 2004 schreef het toenmalige AMINAL, in co-financiering met de toenmalige ALT en met inhoudelijke samenwerking van de VLM een onderzoeksopdracht uit met als doel inzicht te krijgen in de verschillende systemen voor mestopslag en hun aandeel in Vlaanderen en de emissies van CH4, N2O en NH3 voor de verschillende systemen van externe mestopslag en de parameters die deze emissies kunnen beïnvloeden. Daarnaast werden mogelijke maatregelen voorgesteld die bijdragen aan een reductie van deze emissies.

Respectievelijk 36 en 26% van de bedrijven met enkel pluimvee beschikken over één of andere vorm van externe mestopslag voor de winter- respectievelijk zomerperiode. Op basis van het aantal dieren betreft dit respectievelijk 10 en 6% van het aantal dieren op bedrijven met enkel pluimvee. Van de gemengde bedrijven met pluimvee beschikken respectievelijk 56 en 52% over één of andere vorm van externe mestopslag voor de winter- respectievelijk zomerperiode. Op basis van het aantal dieren betreft dit respectievelijk 40 en 24%. Externe mestopslag komt bij alle types bedrijven voor. Voor heel Vlaanderen (2004) gaat het in totaal om meer dan 350.000m³.

Respectievelijk 18,7 en 26% van de bedrijven met enkel varkens en de gemengde bedrijven met varkens geven aan over externe opslag van varkensstromest te beschikken. Op basis van het aantal zeugen betreft dit respectievelijk 10,55 en 10,61% van het aantal zeugen. Wat de opslag van mengmest betreft, beschikt slechts een minderheid van de bedrijven over een externe opslag (foliebassin, mestsilo of mestzak). Voor heel Vlaanderen (2004) wordt er meer dan 430.000m³ meng- en stromest extern opgeslagen.

Respectievelijk 88,9 en 87,4% van de bedrijven met enkel rundvee en de gemengde bedrijven met rundvee beschikken over externe opslag van rundveestromest. Op basis van het aantal dieren betreft dit respectievelijk 74,8 en 84% van de dieren. Wat de opslag van mengmest betreft, beschikt slechts een minderheid van de bedrijven over een externe opslag (foliebassin, mestsilo of mestzak). In heel Vlaanderen gaat het om bijna 3 miljoen m³ meng- en stromest.

Een minderheid van de niet veehouders beschikt over externe opslag, deze hoeveelheden zijn erg klein.

De totale methaanemissie uit externe mestopslag in Vlaanderen wordt ingeschat op 14.868 ton/jaar of 14% van de totale methaanemissie van de veehouderij in Vlaanderen. Deze is in hoofdzaak afkomstig van de opslag van mengmest. De totale lachgasemissie uit externe mestopslag beloopt 723,7 ton/jaar en is in hoofdzaak (> 99%) afkomstig van de externe opslag van vaste mest. De momenteel door VMM gehanteerde methode voorspelt een lachgasemissie afkomstig van externe mestopslag van 930 ton/jaar voor 2004. De totale broeikasgasemissie (methaan en lachgas) afkomstig van externe mestopslag bedraagt 536.581 ton CO2 eq/jaar. De belangrijkste bijdrage tot deze totale broeikasgasemissies komt van de externe opslag van varkensmengmest, rundveestromest en rundveemengmest. De ammoniakemissies als gevolg van externe mestopslag belopen 217,4 ton/jaar. Opvallend hierin is de belangrijke bijdrage van vaste pluimveemest, ondanks de relatief beperkte hoeveelheden van deze mest. In de huidige Vlaamse berekeningsmethode worden enkel de ammoniakemissies afkomstig van de externe opslag van mengmest ingeschat (30 ton/jaar in 2004).

Aërobe of anaërobe (vergisting) behandeling van de mest en nageschakelde technieken hebben impact op methaanemissies. De voedersamenstelling heeft impact op de emissies van lachgas en ammoniak. Het aanzuren van mengmest geeft aanleiding tot een belangrijke reductie van de emissies van zowel ammoniak als broeikasgassen (stijging lachgasemissie wordt gecompenseerd door daling methaanemissie).

Vermenigvuldiging of overname van gegevens zijn toegestaan mits expliciete bronvermelding.

© Vlaamse overheid

Koning Albert II-Laan 35, bus 40 - 1030 Brussel (wegbeschrijving)
Tel. 02 552 78 20 | kennis@lv.vlaanderen.be