Europese vergelijking van enkele bedrijfseconomische indicatoren van de Vlaamse landbouw (2008-2012)

Dirk Bergen en Boris Tacquenier

Oktober 2015

Europese vergelijking van enkele bedrijfseconomische indicatoren van de Vlaamse landbouw (2008-2012)

Dit focusrapport presenteert de resultaten van een Europese vergelijking van een aantal voor de Vlaamse landbouw belangrijke (bedrijfs)economische parameters op basis van cijfermateriaal van het Europese Informatienet inzake landbouwboekhoudingen (ILB).

Over de periode 2008-2012 en in vergelijking met de andere EU-lidstaten komt de Vlaamse landbouw voor de meeste indicatoren als erg performant voor de dag. Zo staat Vlaanderen bij de netto toegevoegde waarde per bedrijf in de top 5. Dat is een goed gemiddeld resultaat, zeker wanneer gekeken wordt naar de lidstaten die beter scoren: enerzijds landen met gemiddeld erg grote bedrijven (Slovakije en Tsjechië), en anderzijds landen met erg kapitaalintensieve bedrijven (Nederland en Denemarken). Voor het netto bedrijfsinkomen komt Vlaanderen (en België) zelfs op de eerste plaats. Bij de netto toegevoegde waarde per voltijdse arbeidskracht prijkt Vlaanderen op de vierde plaats, na Denemarken, Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Ook bij het netto bedrijfsinkomen per voltijdse familiale arbeidskracht is Vlaanderen (en België)  Europese top, na het Verenigd Koninkrijk.

De solvabiliteit en de schuldgraad zijn een heel ander verhaal. Voor de solvabiliteit staat Vlaanderen op de 21ste plaats, voor de schuldgraad op de 7de. Beide indicatoren geven aan dat stevig geïnvesteerd wordt in de Vlaamse landbouw. Op zich geen slechte zaak en vooral een uiting van de wil om te ondernemen en te innoveren. Het maakt de landbouwbedrijven uiteraard wel kwetsbaarder in economisch slechtere tijden en moet daarom zeker een aandachtspunt zijn.

Het klassement van Vlaanderen voor het rendement op activa heeft over de periode 2008-2012 geresulteerd in een 9de plaats. De recenter toegetreden lidstaten Bulgarije en Roemenië hebben zich meteen bovenaan gepositioneerd. In die landen zijn de activa veel beperkter, maar het rendement erop is blijkbaar interessant. Van de “oude” lidstaten is Vlaanderen na Frankrijk de Europese top.

Het uitrekenen van deze indicatoren voor Vlaanderen heeft als gevolg gehad dat de klassering meer genuanceerd kan worden ten opzichte van die van België als geheel. Zo scoort Vlaanderen iets beter voor de indicatoren netto toegevoegde waarde per bedrijf, netto bedrijfsinkomen, netto bedrijfsinkomen per familiale arbeidskracht en rendement op activa.

Deze vergelijking van enkele bedrijfseconomische indicatoren van het gemiddelde Vlaamse landbouwbedrijf met het gemiddelde bedrijf in de andere EU-lidstaten is nuttig, maar heeft ook haar beperkingen. Zo maskeert dat gemiddelde de grote variatie die mogelijk is, zowel tussen de verschillende landbouwsectoren als tussen de individuele bedrijven binnen eenzelfde landbouwsector.

Vermenigvuldiging en/of overname van gegevens zijn toegestaan mits de bron expliciet vermeld wordt:

Bergen D. & Tacquenier B. (2015) Europese vergelijking van enkele bedrijfseconomische indicatoren van de Vlaamse landbouw (2008-2012), Departement Landbouw en Visserij, afdeling Monitoring en Studie, Brussel.

Lees ook de oudere rapporten:

© Vlaamse overheid

Wij doen ons best om alle informatie, webpagina's en downloadbare documenten voor iedereen maximaal toegankelijk te maken. Indien u echter toch problemen ondervindt om bepaalde gegevens te raadplegen, willen wij u graag hierbij helpen. U kunt steeds contact met ons opnemen.

Koning Albert II-Laan 35, bus 40 - 1030 Brussel (wegbeschrijving)
Tel. 02 552 78 20 | kennis@lv.vlaanderen.be