VLIF-investeringssteun voor land- en tuinbouwers

Tekst: Steun voor productieve investeringen

Johan Deschryver: Land- en tuinbouwers worden regelmatig geconfronteerd met gewijzigde omstandigheden. Daardoor zijn ze genoodzaakt hun bedrijfsvoering of de bedrijfsstructuren aan te passen. Wanneer bij die aanpassing investeringen komen kijken, dan is de Vlaamse overheid bereid daar steun voor te verlenen. De VLIF-steunmaatregel die thans van kracht is, sluit aan bij analoge maatregelen uit het verleden. De doelgroep blijft altijd ongeveer hetzelfde, namelijk professionele, vakbekwame land- en tuinbouwers steunen, die een volwaardig bedrijf exploiteren en zich houden aan wettelijke normen op vlak van leefmilieu, hygiëne, dierenwelzijn en ruimtelijke ordening. Meer dan voorheen ligt de nadruk nu wel op investeringen die de duurzame productie bevorderen.

Tekst: Nadruk op investeringen die duurzame productie bevorderen

Johan Deschryver: Het budget dat beschikbaar is, ligt vast tot 2020. Het wordt gespreid in de tijd ingezet, en als het niet volstaat om alle aanvragen om steun in te willigen, moet er geselecteerd worden. Land- en tuinbouwers die een realistisch investeringsproject hebben, kunnen permanent een aanvraag om steun indienen. Zij doen dit via het e-loket. Driemaandelijks worden alle aanvragen beoordeeld en gerangschikt op basis van een aantal selectiecriteria, waarbij de doelmatigheid van belang is, de duurzaamheid van de investering en waarbij jonge landbouwers selectief bevoordeeld worden.

Tekst: Selectiecriteria: doelmatigheid, duurzaamheid, voordeel voor jonge landbouwers.

Johan Deschryver: Van belang is wel dat de landbouwer niet start met die investering vooraleer hij de uitslag van de selectie toegestuurd gekregen heeft. Investeringen in veestallen en serres, of in het algemeen grote projecten, worden niet meer in hun geheel gesubsidieerd, maar worden opgesplitst in deelinvesteringen, type mestopslag, opgaande constructie, inrichting, automatisatie…

Tekst: Grote projecten opsplitsen in deelinvesteringen

Johan Deschryver: Elk van die investeringen wordt apart gescoord en in de mate dat het geheel beter scoort, is er ook meer steun en neemt de steunintensiteit toe. Bijzondere aandacht is er ook voor investeringen gericht op emissiereductie en efficiënt energiegebruik. De steun heeft de vorm van een investeringspremie. Rentesubsidie blijft mogelijk, maar alleen op speciale aanvraag.

Tekst: Steunpercentage: 15% of 30% van het investeringsbedrag.

Johan Deschryver: De steun bedraagt 15 of 30 procent van een aanvaard investeringsbedrag. Dit laatste wordt vastgesteld aan de hand van normbedragen per investering.

Tekst: Plafond per bedrijf tot 2020: 1 miljoen euro.

Johan Deschryver: Voor het geheel van investeringen die een bedrijf uitvoert tot 2020 is er ook nog een plafond van 1 miljoen euro aanvaardbare investeringen.