Omzetting van tijdelijk naar blijvend grasland - 2026 (AMKM)

Grasland dat meerdere jaren aanligt en niet geploegd en vernieuwd wordt, zorgt voor een grote koolstofopslag in de bodem, waardoor meerjarig grasland een belangrijke rol kan spelen in de strijd tegen de klimaatverandering. Percelen grasland die vijf jaar aanliggen, krijgen na het vijfde jaar de status ‘blijvend grasland’. Deze vijfjarige agromilieuklimaatmaatregel zet landbouwers aan om hun tijdelijk grasland langer aan te houden en om te buigen naar blijvend grasland. Deze maatregel beloont landbouwers die inzetten op koolstofopslag onder grasland, in plaats van om te zetten enkel om de status ‘blijvend grasland’ te vermijden.

Samenvattende info:

  • Steun aan te vragen door actieve landbouwer
  • Vijfjarige agromilieuklimaatmaatregel, jaarlijks betaling aan te vragen
  • Verbintenis per perceel
  • Voor percelen bouwland van minimum 0,30 ha
  • Subsidiebedrag 325 euro/ha

Op deze pagina:

Subsidievoorwaarden

  • U leeft de voorwaarden na die vermeld zijn op de webpagina ‘Ecoregelingen en agromilieuklimaatmaatregelen: Overzicht en algemene voorwaarden’.
  • U bent actieve landbouwer in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) (zie fiche ‘GLB – Actieve landbouwer’ op de webpagina ‘Actieve landbouwer’).
  • Looptijd verbintenis: wanneer u start met deze verbintenis moet die gedurende vijf jaar aangehouden worden.
  • Enkel percelen gelegen in het Vlaams Gewest komen in aanmerking voor de subsidie.
  • De oppervlakte van het perceel bedraagt minstens 0,30 hectare.
  • Het perceel is in het jaar van de verbintenisaanvraag en in de vier voorafgaande jaren als een perceel grasland aangegeven in de verzamelaanvraag en is in die periode niet vernieuwd (geploegd en opnieuw ingezaaid). Doorzaai van het grasland is wel toegelaten.
  • Het perceel is in het vijfde jaar dat voorafgaat aan het jaar van de verbintenisaanvraag niet als een perceel grasland aangegeven in de verzamelaanvraag.
  • Percelen waarop een verbintenis wordt afgesloten, moeten als grasland aangehouden worden gedurende vijf jaar vanaf het jaar van de verbintenisaanvraag. Teeltcodes die in aanmerking komen zijn: 60 grasland, 63 graskruiden mengsel, 638 festulolium, 660 grasluzerne, 700 grasklaver, 745 mengsel van gras en vlinderbloemigen, 9827 weiland met oogstbare hoogstam bomen (> 200 bomen/ha), 9828 natuurlijk grasland met onderhoud.
  • Het perceel wordt in de vijf jaren van de verbintenis niet geploegd en opnieuw ingezaaid.
  • Gedurende de vijf jaren van de verbintenis moeten de andere percelen blijvend grasland in het Vlaamse Gewest die u in gebruik had in het jaar voorafgaand aan de betalingsaanvraag of in gebruik heeft in het jaar van de betalingsaanvraag, behouden blijven als blijvend grasland. Dat geldt ook voor percelen die overgedragen worden aan een andere landbouwer.
  • Het perceel is gedurende de volledige looptijd van de verbintenis in eigen gebruik.

naar boven

Subsidiebedrag

  • Bedrag per hectare grasland: 325 euro/ha

Subsidieaanvraag

  • Per perceel wordt een aparte verbintenis afgesloten.
  • Om een nieuwe verbintenis aan te gaan, moet in de verzamelaanvraag 2026 de bijkomende bestemming ‘TBG’ op het betrokken perceel worden aangegeven.
  • De verzamelaanvraag geldt als verbintenisaanvraag en ook als betalingsaanvraag voor het eerste jaar. 

Voor de lopende verbintenissen wordt de bijkomende bestemming vanaf het tweede jaar automatisch opgeladen in de kolom ‘Vaste BO en AMKM’. Daarmee is voldaan aan de jaarlijkse betalingsaanvraag. U kan deze bijkomende bestemming niet wijzigen of verwijderen. Neem contact op via info@lv.vlaanderen.be of via 02/214 48 48 (in het keuzemenu kiest u 'verzamelaanvraag en perceelsaangifte').als dit niet correct zou zijn.

Subsidie combineren met andere subsidies

In bepaalde gevallen kunnen de subsidies voor ecoregelingen en agromilieuklimaatmaatregelen gecombineerd worden met elkaar of met andere subsidies. Zie de combinatietabellen voor welke combinaties mogelijk zijn.

naar boven

Aandachtspunten

  • Een meerjarige verbintenis ‘tijdelijk naar blijvend grasland’ kan alleen gestart worden op een perceel grasland met status BG5.
  • Wanneer het formulier “Overdracht van agromilieuverbintenissen bij een gedeeltelijke bedrijfsoverdracht” na de start van de campagne ingediend wordt, zal de TBG niet automatisch op het perceel staan en moet de overnemer de bijkomende bestemming TBG op het perceel zetten. Als dat niet gebeurt, zal de verbintenis stopgezet worden en de steun teruggevorderd worden bij de overlater. Ook de algemene voorwaarden voor het aanvragen van steun voor ecoregelingen en AMKM moeten nageleefd worden door de overnemer (zie punt 1).
  • De noden gekoppeld aan deze maatregel zijn terug te vinden in de tabel: ‘Noden volgens maatregelen’ op de webpagina 'Gebundelde fiches, tabellen en formulieren'.

Invloed wegvallen ‘TBG’ op instapvoorwaarde voor steun duurzame zoogkoeienhouderij 

Het behoud van blijvend grasland op het bedrijf als voorwaarde voor de maatregel ‘tijdelijk grasland naar blijvend grasland’ is strenger dan dezelfde voorwaarde van behoud van blijvend grasland voor de gekoppelde steun voor duurzame zoogkoeienhouderij (zie fiche zoogkoeienhouderij op de webpagina 'Duurzame zoogkoeienhouderij'). 

Bij de maatregel ‘tijdelijk grasland naar blijvend grasland’ mogen percelen blijvend grasland die van een andere landbouwer overgenomen worden of naar een andere landbouwer gaan, niet omgezet worden. Deze percelen moeten blijvend grasland blijven, ook als de agromilieuklimaatmaatregel ‘tijdelijk grasland naar blijvend grasland’ niet op die overgenomen/overgelaten percelen blijvend grasland werd aangegaan.
Wordt een van die percelen blijvend grasland wel omgezet dan is niet meer voldaan aan de verbintenisvoorwaarde ‘behoud van blijvend grasland op het bedrijf’. Het gevolg is dat alle nieuwe TBG-verbintenisaanvragen worden verwijderd en lopende TBG-verbintenissen worden stopgezet en teruggevorderd. 

Het omzetten van blijvend graslandpercelen heeft als gevolg dat voor alle percelen met een bijkomende bestemming ‘tijdelijk grasland naar blijvend grasland’ de verbintenis wordt verwijderd of stopgezet waardoor deze oppervlaktes ook niet meer meetellen in het aantal punten voor de instapvoorwaarde ‘duurzaam graslandbeheer’ en de landbouwer riskeert niet meer aan 20 punten te komen.

Impact omzetten grasland op de aanvraag van steun voor omzetten tijdelijk grasland naar blijvend grasland (bijkomende bestemming ‘TBG’)

Als er op het bedrijf steun voor ‘tijdelijk naar blijvend grasland’ wordt aangevraagd, moeten alle percelen grasland van het bedrijf worden aangehouden en niet alleen de percelen die voldoen aan de voorwaarden voor TBG. Zo mogen ook percelen die in het voorgaande jaar de status BG5 hadden (en waarop geen verbintenis TBG is afgesloten voorgaande campagne) niet worden omgezet. In onderstaand schema zijn enkele percelen blijvend grasland te zien waarop een verschillende situatie van toepassing is. Krijgt op het bedrijf 1 perceel een rood kruis door omzetten dan kan in het huidige jaar geen steun worden aangevraagd  voor ‘tijdelijk naar blijvend grasland’ en zullen alle reeds lopende verbintenissen ‘TBG’ worden stopgezet en teruggevorderd. 

Raadpleeg ook de flowchart ‘behoud blijvend grasland’ om de impact op de maatregel tijdelijk naar blijvend grasland te bekijken: 

Ecoregeling 'behoud meerjarig gralsen den amkm Tijdelijk naar blijvend grasland - voorwaarden behoud blijvend grasland
Delen: