Vruchtbaarheid bij melkvee

De melkproductie per koe is de laatste 20 jaar spectaculair toegenomen. Er is in die periode een quasi verdubbeling van de productie per koe. De tussenkalftijd (TKT) - of de tijdsduur uitgedrukt in dagen tussen twee opeenvolgende kalvingen – nam evenwel ook fors toe. Van 395 dagen in 1990 naar 424 dagen in 2014. Een goede vruchtbaarheid van de melkveestapel blijft echter essentieel voor goede economische resultaten.

De vruchtbaarheid op een bedrijf is het resultaat van veel verschillende factoren. De voeding van de veestapel, de opfok van het jongvee, de administratie van de veehouder, de bronstdetectie, de diergezondheid,  …. zijn allen belangrijke factoren. Een goede kennis en opvolging van de individuele dieren op bedrijfsniveau blijft noodzakelijk. Met de groeiende veestapels is dat zeker geen sinecure meer. Het gebruik van hulpmiddelen  zoals stappentellers en andere sensoren neemt daarom op de bedrijven  toe. Het blijft echter de melkveehouder die de bedrijfsbeslissingen neemt en moet uitvoeren. Het is een illusie te denken dat door goed management alle problemen bij individuele koeien opgelost kunnen worden. Een goede combinatie van verschillende maatregelen op het bedrijf kan echter veel onheil voorkomen.

In de vernieuwde brochure “Vruchtbaarheid bij melkvee” (2015) van het Departement Landbouw en Visserij worden de belangrijkste aandachtspunten en handvaten om de vruchtbaarheid op het melkveebedrijf aan te pakken, weergegeven, De productiviteit van de melkveestapel neemt toe. Het management op bedrijfsniveau speelt ook op gebied van vruchtbaarheid een steeds belangrijkere rol. 

Deze brochure is te downloaden via het bestelloket van Vlaanderen.

 

Informatie over de inhoud van de brochure kan worden verkregen bij Ivan Ryckaert: Tel. 050 24 77 12 -
ivan.ryckaert@lv.vlaanderen.be