Actief-slibsysteem

De werking van een actief-slibsysteem steunt op intensief beluchten van een reactortank waarin zich een mengsel van biomassa en afvalwater bevindt. De biomassa komt voor onder de vorm van slibvlokken. De slibvlokken zijn groepjes micro-organismen die zich in het afvalwater ontwikkelen.

Actief slibsysteem met een voorbezinking, een biologie en een nabezinking
Actief slibsysteem met een voorbezinking, een biologie en een nabezinking

Bron: Waterwegwijzer, foto: Danni Elskens, Koloriet

Bij kleinere, individuele systemen staat de beluchting zowel in voor de zuurstofvoorziening als voor het mengen van de reactorinhoud. Door plaatsgebonden of periodiek te beluchten, kunnen afwisselend aërobe en anaërobe omstandigheden gecreëerd worden. Als deze zones in een aparte reactorruimte voorzien worden, ontstaat in combinatie met een slibretour een doorgedreven proces van nitrificatie  en denitrificatie.

In de nabezinktank vindt de scheiding plaats tussen het gezuiverde water en het actieve slib. Een deel wordt als retourslib opnieuw in het beluchtingbekken geleid. Omdat bij het zuiveringsproces de hoeveelheid slib toeneemt, moet het slib uit het systeem worden afgelaten, om zo het slibgehalte in de beluchtingstank op het gewenste niveau te houden.

Voordelen:

  • compact;
  • relatief weinig grondverzet in vergelijking met plantensystemen.

Nadelen:

  • gevoelig voor piekbelastingen;
  • meer toezicht en onderhoud nodig;
  • kans op geur en geluidshinder;
  • elektriciteitsverbruik van de beluchtingspomp;
  • regelmatige slibruiming is noodzakelijk;
  • hogere werkingskosten dan bij plantensystemen;
  • beperkte nitrificatie.

De meeste actief-slibsystemen werken met bellenbeluchting zoals in bovenstaande figuur is weergegeven.

Er is in Vlaanderen en Nederland echter één systeem op de markt dat werkt met een oppervlaktebeluchting en een grote opslagcapaciteit heeft voor slib. Het afvalwater wordt verzameld in een pompput (zonder septische put) en op geregelde tijdstippen (inclusief slib en melkresten) in het systeem gepompt. De reactor met de biomassa wordt belucht met een oppervlaktebeluchter. Onderin het systeem zit een trechter waarin het slib verzameld wordt en waar onder anaërobe omstandigheden het gevormde nitraat gedenitrificeerd wordt. Het zuiveringsslib wordt opgeslagen in een afzonderlijke opslagput.
Dit systeem werkt beter dan de andere actief-slibsystemen en is weinig gevoelig voor piekbelastingen, maar vereist echter meer toezicht en onderhoud. Nitrificatie is mogelijk mits een goede sturing van het systeem.

Referentie: brochure Integraal waterbeheer op land- en tuinbouwbedrijven, provincie Oost-Vlaanderen, 2010