Tekstalternatief: Praktijkgetuigenis Yvan Verhemeldonck

1 Biodiversiteit op het bedrijf

Yvan Verhemeldonck: Ik ben Yvan Verhemeldonck, ik ben 20 jaar geleden fruitteler geworden.

Tekst: Yvan Verhemeldonck teelt 12 ha appels en 8 ha peren. Binnen 2 jaar zal zijn bedrijf volledig biologisch zijn.

Maatregelen om meer nuttige insecten aan te trekken

Yvan: Toen ik 5 jaar geleden overgeschakeld ben naar biologische teelt, had ik - door de bespuitingen die ik daarvoor deed als traditionele teler - heel weinig nuttige [insecten] zitten. Buiten de roofmijten die ik ingebracht had, constateerde ik dat ik geen oorwormen meer zitten had in mijn plantages, dus die waren mee gedood.

Dus je moet dan beginnen, en dan ben ik bij collega’s plastieken zakjes met stro daar gaan in zetten en na veertien dagen, drie weken die teruggehaald en uitgehangen in mijn boomgaard, en aan de hand daarvan kunt ge op korte termijn een beperkte populatie terug in uw aanplant krijgen.

De belangrijkste dingen die ik op mijn bedrijf gedaan heb is begonnen met zoveel mogelijk nuttige insecten bij u te houden. Hoe kunt ge dat doen: grasmaaien. Vroeger werd alles gemaaid. Nu wordt nog 1 om de 3 rijen gemaaid. In totaal wordt het gras eigenlijk maar 3 keer per jaar iedere baan apart gereden. En dan juist voor de oogst natuurlijk, omdat anders de mensen daar niet door kunnen om te plukken. En wat ik gemerkt heb is dat je daardoor veel meer lieveheersbeestjes in dat hoger gras en onkruid tegenkomt. Die zijn toch wel nuttig omdat die toch wel enkele plagen kunnen helpen bestrijden.

Hagen planten

Een tweede punt wat ik gedaan heb, is hagen aangelegd. Enerzijds om drift te beperken, niet van mij maar van mijn buren. En ook omdat ik toch een beetje langs waterlopen zit, om geen vervuiling in het water te hebben.

Bijen voor bestuiving

Dan ben ik begonnen met het kweken van wilde bijen, metselbijen. Omdat in de biologische teelt het probleem is: minder omzet. Waarom komt dat? Bestuiving. Bestuiving is het grootste probleem in de bioteelt. In de gangbare teelt is dat voor een gedeelte op te lossen omdat ze daar toch wel middelen kunnen inzetten die ondanks de slechte weersomstandigheden er toch voor zorgen dat er een gegarandeerde oogst is. Wij hadden die mogelijkheid niet, dus: bestuiving optimaliseren. Maar we weten allemaal met de gewone bijen, dat er toch wel die problemen zijn met die ziektes - Varroamijt en wat nog allemaal – en dat imkers ook niet altijd bereid zijn om ze nog bij ons te zetten. Dat heeft dan ook te maken met … omdat ze vrezen ‘wat spuiten die mannen daar allemaal op’ en dat ook negatief kan zijn, of ze denken dat dat negatief kan zijn voor hun bijen. Dan heb ik dus beslist om zelf metselbijen te kweken.  Met vallen en opstaan. Begonnen met boomstammen te zagen en er gaatjes in te maken, 200 coconnetjes gekocht, die errond gezet. En dat leek te werken. Tot na 2 jaar, toen ik meer parasieten had dan nuttige [insecten] zal ik maar zeggen, als echte metselbijen. Dus dat was ook niet de juiste oplossing. Dan ben ik daar verder mee gegaan, op internet gezocht, mensen tegengekomen die daar ook mee bezig waren. En dan heb ik houten moduletjes geplaatst – ik heb die hier staan. En de bedoeling is dat die coconnetjes ieder jaar geoogst worden, zodat ik de parasieten die ik zelf kan zien er direct kan uit doen zodanig dat ik een goed bestand krijg.

Metselbijen plaatsen is één, maar ons seizoenen zijn altijd anders. Dit jaar is [de bloei] bijvoorbeeld een maand vroeger dan vorig jaar. En die metselbijen, dan zouden ze er moeten zijn om ons bomen te bestuiven. Heel moeilijk, want er moet ook voedsel zijn als de bomen niet in bloei zijn. Daarom heb ik dan ook beslist om opnieuw hagen aan te planten. Allemaal hagen die vroeg bloeien, zoals hazelaar, hulst, vogelkers en dergelijke, sleedoorn… Ik heb 2,6 km haag geplant de laatste 2 jaar, die nog maar 0,5 meter hoog zijn, maar dus die in de toekomst moeten helpen voorzien om die nuttige en vooral die metselbijen kort bij me te houden en te helpen bij de bestuiving.

Met de metselbijen alleen, kan ik het niet redden. Ik heb nu imkers gevonden die bereid zijn, omdat ik bioteler ben, om bij mij bijenkasten te plaatsen. En dan heb ik ook nog hommelkasten gezet, om toch maar optimaal te komen. En dit jaar moet ik zeggen, voor het eerst sinds ik 5 jaar bioteler ben, heb ik een redelijk fatsoenlijke oogst. Dus het heeft wel gerendeerd.

Feromoonverwarring

Gedurende 5 jaar doe ik nu aan feromoonverwarring en ik moet zeggen dat ik me daar heel goed bij voel. Wat houdt dat in, feromoonverwarring? We hangen ongeveer 800 euh …’draadjes’ zal ik dat noemen, met een stof in die de fruitmotten aantrekt. Zodat die naar daar komen in plaats van dat de mannetjes de vrouwtjes zouden vinden. Dat is eigenlijk het principe: die zijn totaal verward – we noemen dat ook verwarringsstrategie – en als die niet paren dan hebben wij ook geen problemen met larven die in ons appeltjes kruipen. Dat is heel positief, waarom? Eén, wij doen er geen bespuiting tegen dus we laten een aantal nuttige [insecten] overleven die anders zouden afgedood worden door bepaalde behandelingen. Milieuvriendelijker bestaat wel niet, denk ik. Wij monitoren dat. We hebben daar vallen hangen om te zien hoeveel we er nog effectief vangen. En we moeten constateren dat dat altijd heel miniem is. Enkel, het kan altijd nog gebeuren dat een plaag toch uitbreiding krijgt om wij weten ook niet welke redenen, maar dan kunnen we nog altijd met virussen, biologische virussen, tegemoet komen.

Vogels lokken

Ik heb al een aantal voorbeelden opgesomd van maatregelen die wij genomen hebben ter bevordering van biodiversiteit. Niet maaien van de banen, aanplanten van hagen, nestkastjes voor mijn metselbijen, maar dan ook nestkastjes voor vogels, zitstangen – ik zie hier regelmatig een buizerd rondtoeren – verder heb ik een torenvalkkast waar ieder jaar 2 nesten in zitten tot nu toe.

Kleine roofdieren aantrekken

Ik heb ook aan sommige percelen stenenhopen gelegd waar dan marters in komen die ons weer kunnen helpen ter bestrijding van woelmuizen en woelratten. Dat is een aspect dat ik nog niet aangehaald heb maar dat ook zwaar drukt op de bioteelt. Wij schoffelen 8 à 9 keer per jaar, maar er blijft toch altijd een aantal onkruiden overleven in de winter, zal ik maar zeggen, en die trekken dan allemaal muizen en ratten aan en wij hebben veel meer schade van afgevreten bomen dan gelijk wie.

Vleermuizen

Onlangs heb ik een artikel gelezen waarin geschreven werd dat vleermuizen ook positief zouden kunnen overkomen. Dat is iets om over te brainstormen tijdens de winter denk ik, want ik denk inderdaad dat die ons wel kunnen helpen, en dat is misschien een punt om in de toekomst aan te werken en ook die kasten te zetten. Ik heb ook 1 uilenkast hangen, ben ik nog vergeten te vermelden, die ook altijd bevolkt geweest is, en dat is toch ook een nuttig dier dat ’s nachts heel veel rooft.

Bodemleven versterken

Bodemleven is heel, heel belangrijk. Niet enkel voor biotelers, voor alle telers, voor de landbouw in het algemeen. Ik denk dat wij toch wel misschien al meer dan een eeuw verkeerd bezig zijn met teveel en alles op kunstmeststof te doen. We zien dat ons bodems steeds slechter worden, zuurder, minder humus. En ik wijt dat aan enkel de chemische meststoffen. Dus, wij moeten meer naar de gewone natuurlijke meststoffen. Of dat nu dierlijk moet zijn? Kan ik niet zeggen. Maar we zitten met landbouwproductie van dieren, dus ik veronderstel dat we die mest zeker moeten gebruiken. Maar ik geloof persoonlijk ook heel erg in plantaardige meststoffen, dus louter op plantaardige basis. Persoonlijk ga ik me daar de komende jaren op toeleggen. Wat wij zelf doen, ik zie dat mijn bodem beter wordt. Omdat ik 8 à 9 keer per jaar schoffel, en dat onkruid wordt mee ondergewerkt, er gebeurt een zekere mineralisatie. Persoonlijk werk ik niet met dierlijk mest maar compost moet in de toekomst ook meer toegevoegd worden om een betere grondstructuur te krijgen. Daar is nog werk aan de winkel.

2 Interesse voor biodiversiteit

Ik moet zeggen, ik was altijd ook al begeesterd geweest van in den beginne met het ecologisch aspect van fruit telen. Ik ben één van de eersten geweest die de geïntegreerde IPM-cursus gevolgd heeft, begin de jaren 90. Waarom? Omdat ik gewoon van mijn eigen vond dat het beter moest, dat er andere mogelijkheden waren om beter met de natuur om te gaan. En we hebben dat dan gezien met die roofmijten, dat dat effectief werkte. En dan mijn collega Hugo Weckx, waar ik toch regelmatig op bezoek kwam, ik zag dat zij die plagen waar wij als traditionele telers steeds moesten tegen sproeien, toch onder controle kregen, weliswaar na enkele jaren, maar dat de natuur zich toch wel ook herstelt en dat we in de traditionele teelt waarschijnlijk toch wel enkele keren teveel spuiten. En dat is eigenlijk mijn motivatie geweest om daar mee door te gaan en zo ben ik dan ook in de bioteelt gerold. Enerzijds om dat aspect. Maar anderzijds ook natuurlijk het economisch aspect.

3 Leren over biodiversiteit

Biodiversiteit houdt heel veel in. Da’s iets dat je niet van vandaag op morgen kunt leren. Je hebt daar, één, heel veel interesse in nodig, je moet daarin geïnteresseerd zijn om je daarin te verdiepen, je kunt daar heel veel over vinden, op internet, maar bij mij is het toch zo geweest, en dat geluk hebben wij, onze biovakgroep wordt in België wel gezien als heel vooruitziend en goed werkend. Wij doen dus heel veel activiteiten, wij gaan zelfs naar het buitenland zien naar onze buitenlandse collega’s, hoe zij het doen en wij leren heel veel van elkaar. En wij werken heel goed samen met PCF. Dat is echt op wederzijds vertrouwen, een blind vertrouwen eigenlijk, daar staan wij model in België.

4 Tips voor collega’s, onderzoek en beleid

Tip toe naar mijn collega’s in de traditionele teelt. Dat maaien, daar ben ik 100 ten 100 van overtuigd, dus niet of minder maaien van de grasbanen, dat dat een positieve invloed heeft naar meer nuttige [insecten] aantrekken.

Bij een bezoek aan Duitsland heb ik gezien dat een teler zijn maaimachine eigenlijk omgebouwd had, dat hij in het midden niet meer maaide en de kruiden liet staan. Misschien zou het wel nuttig zijn om te zien of dat niet een machinehandelaar die eerst serieus een machine wil maken en dan tweedes, aan de hand verschillende bloemen, dat we dan niet nog veel meer biodiversiteit in onze aanplant krijgen, om de rij. Want nu zit je gewoonlijk met perceel stroken of hagen of kanten. De onmiddellijke omgeving heeft daar wel baat bij, maar in het midden van het perceel is natuurlijk niets meer van terug te vinden. En dat zou misschien toch nog iets heel nuttig kunnen zijn om verder uit te werken en de mogelijkheden af te toetsen 

Ik geloof ook in het aanplanten van hagen. Ik heb dus op eigen initiatief een aantal hagen gezet, zonder tussenkomst van de staat zal ik maar zeggen. Een aantal heb ik wel gedaan. Maar dat is toch wel iets waar eens zou mogen over nagedacht worden. Want het is mooi, dan wordt het als landschapselement gezien, en de boer die zit er mee. Die kan niet meer terug als hij een contract getekend heeft. En het zou eigenlijk een aanbeveling zijn moesten we dat kunnen een beetje ombuigen, als een fruitteler die zijn bomen zet voor 10, 15 of 20 jaar en die wil daar een haag plaatsen, als die samen als hij zijn bomen rooit, dat hij die haag mee mag uitrooien.

Verder wou ik ook nog dat het onderzoek naar die nuttige [insecten], ik ben ervan overtuigd dat er nuttige [in de hagen] zitten, maar misschien trekken die ook schadelijke aan. Die wel eens voor meer plagen kunnen zorgen dan wij vermoeden. Dus op dat gebied zou ik toch wensen dat er meer onderzoek gebeurt. 

5 Besluit

Er wordt heel veel gesproken over biodiversiteit, dat is blijkbaar een hype op dit moment. Maar voor mijn bedrijf is het ook economische realiteit waar wij rekening moeten mee houden. Het is echt een noodzaak voor bioteelt en, ik denk, gewenst voor mijn collega’s die traditionele teelt doen.

Wat ik wel zie, is dat zowel de traditionele teelt als de bioteelt dus korter bij elkaar gaan komen in de toekomst. Je ziet dat ook aan de fytobedrijven, die hebben allemaal ergens een poot die biologisch stoelt, dus ik verwacht dat wij in de toekomst naar een milieubewustere teelt in het algemeen gaan, zowel de traditionele telers als wij. Wij zullen altijd trendsetter blijven, denk ik, maar ook daar gaan we de goede richting uit.