Binnen de vleesveehouderij nemen in 2024 de nonfactorkosten met 157.100 euro het grootste deel van de totale kosten in. De factorkosten liggen met 90.300 euro een stuk lager.
Binnen de varkenshouderij nemen in 2024 de nonfactorkosten met 653.300 euro het grootste deel van de totale kosten in. De factorkosten liggen met 109.500 euro een stuk lager.
Binnen de legpluimveehouderij nemen in 2024 de nonfactorkosten met 833.400 euro het grootste deel van de totale kosten in. De factorkosten liggen met 160.000 euro een stuk lager.
Binnen de slachtpluimveehouderij nemen in 2024 de nonfactorkosten met bijna 2.062.500 euro het grootste deel van de totale kosten in. De factorkosten liggen met ruim 110.600 euro een stuk lager.
De bedrijfsresultaten van de Vlaamse visserijvloot kennen in 2024 een gemengde evolutie ten opzichte van 2023. Het gemiddelde brutobedrijfsresultaat stijgt voor het kleine vlootsegment, maar daalt voor het grote vlootsegment.
De totale aanvoer van vis in de commerciële Vlaamse zeevisserij bedraagt in 2025 15.168 ton. Dit is een stijging van 0,9% in vergelijking met het jaar voordien.
De Vlaamse visserij is in 2025 goed voor een totale aanvoerwaarde van 88,4 miljoen euro, dat is een stijging met 5,4%. Tong blijft op het vlak van waardecreatie de belangrijkste soort voor de Vlaamse visserij.