Het netto primaire energiegebruik in de Vlaamse landbouwsector stijgt in 2023 opnieuw tot 27.941 terajoule (TJ). De belangrijkste oorzaak is de normalisering van de energieprijzen. Aardgas blijft met een aandeel van 83% veruit de belangrijkste energiedrager.
De opbrengsten, kosten en marges van een groot aantal bedrijfstakken/sectoren in land- en tuinbouw, aangevuld met de belangrijkste technische en economische kengetallen.
Vooral vleesveebedrijven zijn afhankelijk van rechtstreekse steun. Het aandeel rechtstreekse steun in het bedrijfsinkomen bedraagt ruim 50%. Akkerbouw- en melkveebedrijven volgen. Bij de glasgroenten is het aandeel rechtstreekse steun in het bedrijfsinkomen zeer laag.