Zuinig omspringen met water en water besparen in de pluimveehouderij

Op deze pagina:

Hoe begin ik er aan?

Een wateraudit geeft u als veehouder inzicht in de waterstromen en het toont de alternatieve mogelijkheden. Door het in kaart brengen van de waterstromen op een bedrijf, kunt u zien waar op een onnuttige manier (teveel) water verbruikt wordt. Kleine ingrepen of wijzigingen in het management kunnen soms leiden tot een belangrijke kostenbesparing.

 

Hoe kan ik verspilling van drinkwater tegengaan?

Het water voor de dieren moet voldoen aan de normen voor drinkwater van pluimvee. De wateropname van pluimvee is afhankelijk van de leeftijd, de gezondheidstoestand, de water- en omgevingstemperatuur en de voedersamenstelling. Het drinksysteem speelt een rol in het verbruik doordat het de mate van verspilling bepaalt. U kunt het waterverbruik verminderen door een drinksysteem te installeren dat leidt tot minder verspilling. Er is minder verspilling bij nippels dan bij ronde drinkers. Horizontale nippels of nippels met cups eronder verspillen minder water dan verticale nippels zonder cups.

foto's van nippel, ronde drinker, nippel met cup
Van links naar rechts: nippel, ronde drinker, nippel met cup

Ook van nippels met een lage waterdruk wordt aangenomen dat er minder vermorsing is aangezien de dieren voldoende tijd hebben om het water op te nemen. Een continue monitoring van het waterverbruik laat toe eventuele lekken of onaangepaste debieten snel op te sporen en het is bovendien essentieel voor een snelle opsporing van gezondheidsproblemen.

Bij vleeskippen is het van belang het strooisel droog te houden om zowel milieudoelstellingen (ammoniakemissiereductie) als dierenwelzijnsdoelstellingen te bereiken. Het Proefbedrijf Pluimveehouderij en partners heeft het effect van de waterdruk op de strooiselkwaliteit gedemonstreerd tijdens de uitvoering van een demoproject “Verbetering van de rendabiliteit in de vleeskuikensector door een optimalisatie van de strooiselkwaliteit”.

Hieruit blijkt dat een lage waterdruk gunstig is voor het waterverbruik, voor het drooghouden van het strooisel en voor het welzijn van de kuikens: minder voetzoolaantastingen, minder hakirritaties en minder borstbevuiling. Vanaf de derde week wordt de waterdruk best bepaald in functie van de temperatuur. Vanaf drie weken kan een hoge waterdruk, zeker in de zomer, een betere keuze zijn om een gunstige groei en voederconversie te bereiken.

De resultaten van het demoproject zijn door de projectpartners op de website http://www.diereninformatie.be/node/77 geplaatst.

Hoe kan ik verspilling tegengaan van reinigingswater of van water voor het ontsmetten?

Een goede reiniging en ontsmetting van het watersysteem en de stallen tijdens de leegstand tussen de verschillende rondes is de basis voor een goed watermanagement op een pluimveebedrijf.

Het verbruik van reinigingswater hangt af van:

  • gebruikte techniek;
  • ingestelde waterdruk van de hogedrukreiniger;
  • toegepaste week- en reinigingsmiddelen;
  • temperatuur van het water;
  • gladheid van muren en vloeren;
  • gebruikte materialen bij het huisvestingssysteem van leghennen.

De hoeveelheid water die gebruikt wordt voor de reiniging van de stallen hangt sterk af van de kwaliteit van de droge reiniging voorafgaand aan de natte reiniging.

De vereiste waterdruk van de hogedrukreiniger voor het afspoelen na het inweken is afhankelijk van de hoeveelheid vastgekoekt vuil. Bij goed inweken kan een lagere druk volstaan.

Het gebruik van warm water bij de reiniging zorgt voor een betere ontvetting. Een gladde afwerking van materialen, muren en vloeren bevordert de reinigbaarheid waardoor er minder water nodig is voor een goede reiniging.

Een voldoende ruime waterafvoer waardoor het vuile water snel kan weglopen, helpt het waterverbruik voor de reiniging te beperken. Naast leiding- en grondwater komt ook hemelwater (mits een goede opvolging) in aanmerking om als reinigingswater in te zetten.

Een goede reiniging zorgt er voor dat het ontsmetten van de stallen effectiever en doeltreffender gebeurt en dat er minder ontsmettingsmiddel nodig is.

Een aantal praktische tips voor de reiniging en ontsmetting van pluimveestallen kunt u raadplegen in de brochure 'Hier is hygiëne troef' van het Proefbedrijf Pluimveehouderij in Geel (2009).