Op deze pagina:
- Verordening op markt brengen gewasbeschermingsmiddelen (RBE 7)
- Richtlijn duurzaam gebruik pesticiden (RBE 8)
Verordening op markt brengen gewasbeschermingsmiddelen (RBE 7)
Voorschriften met betrekking tot de toelating van gewasbeschermingsmiddelen, het op de markt brengen ervan en het gebruik ervan binnen Europa zijn vastgelegd in de Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad
Deze fiche verduidelijkt welke maatregelen op basis van deze verordening onder de conditionaliteit zullen opgevolgd worden.
Samenvattende info:
- Gebruik enkel erkende gewasbeschermingsmiddelen
- Pas de gebruiksvoorschriften van de gewasbeschermingsmiddelen op een correcte manier toe
- De noden gekoppeld aan deze maatregel zijn terug te vinden in de tabel: ‘Noden volgens maatregelen’ op de webpagina 'Tabellen'.
Verplichtingen in het kader van de verordening op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen
Verbod op gebruik van niet-erkende gewasbeschermingsmiddelen
- Als u een gewasbeschermingsmiddel voor landbouwkundig gebruik wil aankopen, in bezit hebben of gebruiken, moet dit gewasbeschermingsmiddel vooraf erkend of toegelaten zijn door de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
- De lijst van erkende en toegelaten gewasbeschermingsmiddelen kunt u raadplegen op de website www.fytoweb.be.
- Het erkenningsnummer of het toelatingsnummer voor parallelinvoer staat uitdrukkelijk vermeld op de verpakking, het etiket of de bijsluiter van gewasbeschermingsmiddelen voor landbouwkundig gebruik, samen met de voorschriften voor een veilig en efficiënt gebruik.
- Producten die op de markt gebracht zijn vóór 18 augustus 2012 hebben een erkenningsnummer dat bestaat uit een getal gevolgd door /B of /P. Vanaf die datum bestaat het erkenningsnummer uit 4 of 5 cijfers gevolgd door de letters “P/B” of “G/B”.
- Zowel het bezit als het gebruik van niet-erkende gewasbeschermingsmiddelen is verboden.
- Gewasbeschermingsmiddelen die niet langer bruikbaar zijn of hun erkenning verliezen, moet u duidelijk apart stockeren en via een volgende inzamelactie van AgriRecover inleveren.
Gebruik volgens de beginselen van goede gewasbeschermingspraktijken en volgens de voorschriften vermeld op het etiket
- Van erkende gewasbeschermingsmiddelen is bewezen dat ze efficiënt werken en bij correct gebruik geen onaanvaardbare schade toebrengen aan de mens, het milieu of de gewassen zelf. Wie niet-erkende producten gebruikt of de gebruiksvoorschriften niet volgt, neemt onverantwoorde risico’s en is bovendien strafbaar.
- Een gewasbeschermingsmiddel mag enkel gebruikt worden voor datgene waartoe het toegelaten is. U moet dus niet enkel aandacht schenken aan het feit of het product zelf toegelaten is, maar ook of het voor de gewenste toepassing toegelaten is (soort gewas, soort bestrijding,...).
- Om te voorkomen dat de maximale residulimiet (MRL), die bepaald is in de wetgeving, overschreden wordt, is het eveneens noodzakelijk de gebruiksdosissen en de wachttijd (termijn vóór het oogsten) die op het etiket van het product vermeld zijn na te leven. Hetzelfde geldt voor de toepassingsfrequentie (het maximum aantal toepassingen per gewas) die u in geen geval mag overschrijden. Ook de andere voorschriften die op het etiket vermeld zijn, moet u naleven, zoals het respecteren van de spuitvrije stroken langs oppervlaktewaterlichamen.
Richtlijn duurzaam gebruik pesticiden (RBE 8)
De Richtlijn 2009/128/EG van 21 oktober 2009 tot vaststelling van een kader voor communautaire actie ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van pesticiden is omgezet in zowel Vlaamse als federale wetgeving. De aspecten die tot de Vlaamse bevoegdheid behoren zijn terug te vinden in het decreet van 8 februari 2013 houdende duurzaam gebruik van pesticiden in het Vlaamse Gewest. Op federaal niveau is dat het koninklijk besluit van 19 maart 2013 ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en toevoegingsstoffen.
Deze tekst verduidelijkt welke de maatregelen op basis van de richtlijn duurzaam gebruik van pesticiden onder de conditionaliteit zullen opgevolgd worden.
Samenvattende info:
- Zorg ervoor dat u over een keuringsbewijs beschikt van uw spuittoestellen
- Zorg ervoor dat u over een fytolicentie beschikt
- Respecteer het verbod op het gebruik van pesticiden in bepaalde gebieden
- Respecteer de regels rond hantering en opslag van gewasbeschermingsmiddelen en verwijdering van resten ervan
- De noden gekoppeld aan deze maatregel zijn terug te vinden in de tabel: ‘Noden volgens maatregelen’ op de webpagina 'Tabellen'.
Verplichtingen in het kader van richtlijn duurzaam gebruik van pesticiden
Beschikken over keuringsbewijs voor spuittoestellen
Gewasbeschermingsmiddelen moet u op een deskundige manier toepassen om een maximale werking te verzekeren en het milieu minimaal te belasten. Een belangrijke schakel daarin is het spuittoestel. Enkel wanneer het spuittoestel in prima conditie verkeert, kan het verspreiden van gewasbeschermingsmiddelen op een verantwoorde wijze gebeuren. U moet dan ook beschikken over een geldig keuringsbewijs wanneer het toestel onderworpen is aan de verplichte technische controle.
Het doel van de controle is het opsporen van functiestoornissen en het aanduiden van de oorzaken ervan. Dit moet leiden tot een verbetering van de toestand van de in gebruik zijnde toestellen. Iedereen die een spuittoestel bezit, wordt persoonlijk uitgenodigd.
Alle spuittoestellen moeten om de 3 jaar gecontroleerd worden. Nieuwe toestellen moeten binnen de 3 jaar na de verkoopdatum gecontroleerd worden.
De volgende toestellen hoeven echter geen technische keuring te ondergaan:
- de kleine toestellen waarin de spuitvloeistof manueel of met behulp van een samengedrukt gas (lucht inbegrepen) onder druk wordt gebracht of waarbij de spuitvloeistof wordt uitgestoten onder invloed van de zwaartekracht;
- de toestellen die bij normaal gebruik omwille van hun kenmerken door één enkele persoon gedragen kunnen worden (rugspuittoestellen);
- de lansspuittoestellen.
In het Nederlandstalige landsgedeelte organiseert het Instituut voor Landbouw en Visserijonderzoek (ILVO Eenheid Technologie & Voeding) de controles. Voor het Franstalige en Duitstalige landsgedeelte is dit het Centre wallon de Recherches Agronomiques (CRA Département du Génie Rural). Elke geldige keuring die in een andere EU-lidstaat erkend is, wordt ook erkend in België. De geldigheid van de keuring uit de lidstaat wordt slechts voor de eerste 3 jaar in rekening genomen.
Beschikken over een fytolicentie voor gebruik van gewasbeschermingsmiddelen
Vanaf 25 november 2015 mogen enkel nog personen die over een fytolicentie beschikken, producten voor professioneel gebruik verkopen of gebruiken. Om de fytolicentie te verkrijgen, moet u aantonen dat u beschikt over de nodige kennis over het correct gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en dat u door aanvullende opleidingen te volgen op de hoogte blijft van de evoluties omtrent gewasbescherming.
Meer informatie vindt u op de website www.fytolicentie.be.
Verbod op het gebruik van pesticiden in bepaalde specifieke gebieden
Het gebruik van pesticiden is verboden in bepaalde specifieke gebieden:
- Beschermde gebieden zoals omschreven in de kaderrichtlijn Water (2000/60/EG): de waterwingebieden en de beschermingszones type 1. Daarenboven geldt vanaf 2026 op percelen gelegen in gebiedstype 2 of gebiedstype 3 en waarop als hoofdteelt een nitraatgevoelige teelt wordt verbouwt en die gelegen zijn langs waterlopen die opgenomen zijn in de Vlaamse Hydrografische Atlas, een verbod op het gebruik van pesticiden in de oeverzone en de binnen vijf meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van de waterloop.
- Gebieden die ten behoeve van de uitvoering van de noodzakelijke natuurbehoudsmaatregelen zijn aangewezen overeenkomstig de bepalingen van de Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en Habitatrichtlijn (92/43/EEG): de percelen met een verbod op het gebruik van pesticiden in VEN-gebieden die eveneens overlappen met de Natura-2000-gebieden.
Regels rond Hantering en opslag van gewasbeschermingsmiddelen en verwijdering van resten ervan
Wanneer u gewasbeschermingsmiddelen gebruikt of opslaat, mag u de menselijke gezondheid en de voedselveiligheid niet in gevaar brengen. Ook met de verpakkingen en de restanten van producten moet u omzichtig omgaan. Bij de toepassing van vloeibare producten moet u de zorgvuldig geledigde verpakkingen met voldoende water spoelen. De gewasbeschermingsmiddelen moeten zich in de oorspronkelijke verpakking bevinden en moeten het oorspronkelijk etiket dragen zoals ze op de markt zijn gebracht door de erkennings/toelatingshouder. De gereinigde verpakkingen van gewasbeschermingsmiddelen met u apart opslaan en inleveren bij AgriRecover.
Producten voor professioneel gebruik moet u opslagen in een lokaal dat of een kast die voldoet aan volgende voorwaarden:
- Alle gewasbeschermingsmiddelen toegelaten voor professioneel gebruik worden bewaard in een lokaal of een kast die daarvoor bestemd is en
- 1° het lokaal of de kast is droog, doelmatig verlucht en in goede staat van onderhoud en netheid. De inrichting is doelmatig, zodanig dat de goede bewaring van de opgeslagen producten is verzekerd;
- 2° het lokaal of de kast is op slot;
- 3° de toegang tot het lokaal of de kast wordt voorzien van :
- a) de tekst ‘verboden toegang voor onbevoegden’ en gelijkwaardig symbool;
- b) een geschikt gevaarsymbool;
- c) de identiteit en contactgegevens identiteit, het nummer van de fytolicentie en de contactgegevens van beheerder van het lokaal of de kast.
- Alle gewasbeschermingsmiddelen worden bewaard in een specifiek lokaal of kast die slotvast is afgesloten en die fysisch gescheiden is van de gebouwen waar mensen of dieren verblijven. Geneesmiddelen, voedingsstoffen, eetwaren, diervoeders of andere middelen die bestemd zijn om te worden opgenomen door mens of dier worden niet opgeslagen in het lokaal of de kast.
- Het lokaal of de kast voor bewaring van gewasbeschermingsmiddelen is droog en goed onderhouden waarbij de vervallen middelen of de middelen voor privégebruik gegroepeerd staan
- Alle gewasbeschermingsmiddelen bevinden zich in de oorspronkelijke verpakking en dragen het oorspronkelijk etiket zoals ze op de markt zijn gebracht door de erkennings/toelatingshouder.
- De verpakkingen van gewasbeschermingsmiddelen worden gereinigd, apart opgeslagen en ingeleverd AgriRecover
Welke informatie vind ik terug op het de verzamelaanvraag of het e-loket?
Op de jaarlijkse verzamelaanvraag kunt u terugvinden welke percelen zich in een beschermingszone type 1 bevinden en welke in een VEN-gebied, vogelrichtlijngebied of habitatrichtlijngebied gelegen zijn. Ook kunt u voor elk perceel zien tot welk gebiedstype het volgens de mestwetgeving behoort. De waterlopen opgenomen in de Vlaamse Hydrografische Atlas (VHA) zijn in het blauw voorgedrukt op de fotoplannen van de verzamelaanvraag (blauw gearceerde polygonen of blauwe stippellijnen). Met behulp van de LV-Agrilens-app of via het Geoloket Landbouw kunt u eveneens terugvinden tot welk gebiedstype volgens de mestwetgeving een bepaald perceel behoort. Daar vindt u ook de waterlopen terug die zijn opgenomen in de Vlaamse Hydrografische Atlas (VHA) via de laag ‘water – 3m fytovrij/1 m teelt- en 5 of 10 m mestvrij als blauw gearceerde polygonen of blauwe stippellijnen.
Nieuw in 2026
Vanaf 2026 geldt op percelen gelegen in gebiedstype 2 of gebiedstype 3 en waarop als hoofdteelt een nitraatgevoelige teelt wordt verbouwt en die gelegen zijn langs waterlopen die opgenomen zijn in de Vlaamse Hydrografische Atlas, een verbod op het gebruik van pesticiden in de oeverzone en de binnen vijf meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van de waterloop.