Gewasdiversificatie

Wanneer de land- en tuinbouwer meer dan 10 ha subsidiabele areaal bouwland aangeeft, moet hij minstens 2 of 3 verschillende hoofdgewassen telen. Dit moet ervoor zorgen dat zijn gronden in de best mogelijke conditie behouden blijven.

De gewassen zijn in het kader van de gewasdiversificatie opgedeeld in gewasgroepen. Twee gewassen van een zelfde gewasgroep tellen dus maar mee als 1 gewas voor gewasdiversificatie. Enkel voor de granen tellen zomer en wintergranen mee als 2 verschillende gewassen. De gewassen moeten tijdens de belangrijkste teeltperiode (hoofdteelt) aanwezig zijn.

De voorwaarden en de lijst met gewassen die in aanmerking komen vindt u in volgende fiches:

Aangifte gewasdiversificatie op e-loket

Via een apart scherm in de elektronische verzamelaanvraag kunt u nagaan hoeveel bouwland u hebt en welk percentage de aangegeven gewassen vertegenwoordigen.