Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB)

Op deze pagina

Zie ook: informatiefiches bij de verzamelaanvraag
Zie ook: overgangsmaatregelen GLB 2021-2022

Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2014-2020

Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid van de EU bestaat uit twee pijlers:

Pijler I

Pijler I is op de volgende manieren actief:

  • Inkomenssteun in de vorm van rechtstreekse betalingen, wat zorgt voor stabiele inkomens, en boeren beloont voor milieuvriendelijke landbouw en collectieve goederen die normaal niet door de markten worden betaald, zoals zorg voor het platteland.
  • Marktmaatregelen om het hoofd te bieden aan moeilijke marktomstandigheden, zoals een plotselinge daling van de vraag als gevolg van een voedselschandaal, of een daling van de prijzen wegens een tijdelijk overaanbod. Andere voorbeelden van marktmaatregelen zijn schoolfruit, -groenten en –melk en de nationale strategie voor duurzame operationele programma’s.

Inkomenssteun (de zogenoemde rechtstreekse betalingen) is budgettair de belangrijkste maatregel binnen het GLB en verleent boeren inkomenssteun om

  • als vangnet te dienen en de landbouw rendabeler te maken
  • te zorgen dat er in Europa voldoende voedsel is
  • hen te helpen veilig, gezond en betaalbaar voedsel te produceren
  • hen te belonen voor zaken waarvoor de markt hen niet betaalt, maar die wel het algemeen belang dienen, zoals de zorg voor landschap en milieuzorg

Inkomenssteun heeft twee vormen. De belangrijkste vorm is de ontkoppelde steun. Deze was vroeger bekend onder de naam ‘bedrijfstoeslag’, en werd sinds 2015 hervormd tot de ‘basisbetaling’. Deze basisbetaling wordt jaarlijks uitbetaald aan landbouwers die betalingsrechten bezitten, als ze in dat jaar landbouwgronden in gebruik hebben, en voldoen aan alle steunvoorwaarden. Landbouwers die deze basisbetaling ontvangen moeten, mits uitzonderingen, drie vergroeningspraktijken toepassen: gewasdiversificatie, behoud van blijvend grasland, en aanleg van ecologisch aandachtsgebied.

Gekoppelde steun is de andere vorm van inkomenssteun die qua bedrag varieert in functie van productie en is voorbehouden in Vlaanderen voor de rundvleessector (premie voor het produceren van vleeskalveren en premie voor het behoud van de gespecialiseerde zoogkoeienhouderij).

Voor jonge landbouwers is het financieel moeilijk om nieuwe economische activiteiten in de landbouwsector op te zetten en tot ontwikkeling te brengen. Om hieraan tegemoet te komen zijn in het GLB verschillende maatregelen opgenomen, onder meer een extra inkomenssteun voor jonge landbouwers die met hun landbouwactiviteiten beginnen. Bij deze extra inkomenssteun aan de jonge landbouwers wordt gedurende maximaal 5 opeenvolgende jaren een bijkomende betaling toegekend op elk geactiveerd betalingsrecht (tot 90ha) als wordt voldaan aan alle steunvoorwaarden. Het doel is om de eerste vestiging van hun bedrijf te vergemakkelijken.

De betalingen uit het GLB zijn bovendien gekoppeld aan vereisten op het gebied van voedselveiligheid, gezondheid van dieren en planten, klimaat, milieu, bescherming van watervoorraden, dierenwelzijn en de conditie waarin de landbouwgrond wordt gehouden. Dit zijn de ‘randvoorwaarden’. Met de randvoorwaarden beoogt Europa een marktgerichte, duurzame landbouw in overeenstemming met de wensen van de maatschappij. Daarnaast streeft ze naar een beter evenwicht tussen landbouw en milieu.

Pijler II

De tweede pijler van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid omvat de maatregelen rond plattelandsontwikkeling. In Vlaanderen heeft dat vorm gekregen in het Programma voor Plattelandsontwikkeling 2014-2020, kortweg PDPO III.

In de informatiefiches bij de verzamelaanvraag vindt u meer informatie met betrekking tot de aanvraag van areaalgebonden steun en de perceelsaangiftes.

Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) na 2020

Ondertussen is ook de voorbereiding van het volgende Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (2023-2027) gestart. Hieronder vindt u meer achtergrondinformatie in chronologische volgorde, en de laatste stand van zaken. 

Mededeling van de Europese Commissie

Op 29 november 2017 publiceerde de Europese Commissie een mededeling over ‘de toekomst van voeding en landbouw’. Daarin zette ze al de eerste krijtlijnen uit voor het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Er is onder andere aandacht voor vereenvoudiging en flexibiliteit om de overgang naar een model dat gericht is op het monitoren van vooruitgang mogelijk te maken. Verder valt ook de toegenomen ambitie met betrekking tot milieu en klimaat op. Bij de opmaak van de nota werd rekening gehouden met de uitkomst van de publieke raadpleging van februari 2017.

Extra informatie vindt u in het persbericht ‘De toekomst van voeding en landbouw – voor een flexibel, eerlijk en duurzaam gemeenschappelijk landbouwbeleid’ van de Europese Commissie.

Voorstel Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2021-2017

Het meerjarig financieel kader omvat de financiële middelen die worden vrijgemaakt voor het Europese landbouwbeleid. Op 2 mei 2018 publiceerde de Europese Commissie haar voorstel voor het volgende Meerjarig Financieel Kader en werd duidelijk in welke richting de financiering voor landbouw zal evolueren. De Commissie stelt voor om het budget voor het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid te verlagen, maar ervoor te zorgen dat het programma efficiënter wordt en met minder middelen even veel kan betekenen. Verder wordt ook al rekening gehouden met het verdwijnen van het Verenigd Koninkrijk als EU-lidstaat.

Extra informatie vindt u in het persbericht ‘Commissie stelt een moderne begroting voor, voor een Unie die ons beschermt, sterker maakt en verdedigt’ van de Europese Commissie.

Officiële wetsvoorstellen van de Europese Commissie

Niet veel later, op 1 juni 2018, volgen dan ook de eerste officiële wetsvoorstellen van de Commissie in de vorm van drie verordeningen:

  • Verordening Gemeenschappelijk Landbouwbeleid strategisch plan
  • Horizontale verordening
  • Gemeenschappelijke Marktordening-verordening (GMO)

De voorstellen rond het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid beogen een effectieve meer prestatiegerichte aanpak met meer flexibiliteit voor de lidstaten om het GLB te laten aansluiten bij de specifieke noden en eigenschappen van de regio of lidstaat. Ze tonen ook een verhoogde ambitie wat betreft milieu- en klimaatdoelstellingen. Verder worden er 9 doelstellingen geformuleerd waarop de lidstaten bij de opmaak van hun strategisch plan moeten inspelen:

  • zorgen voor een eerlijk inkomen voor de boeren
  • het concurrentievermogen vergroten
  • het machtsevenwicht in de voedselketen herstellen
  • de klimaatverandering tegengaan
  • zorgen voor het milieu
  • landschappen en de biodiversiteit beschermen
  • de generatiewissel bevorderen
  • het platteland vitaal houden
  • de kwaliteit van onze voeding en onze gezondheid beschermen

Nieuw is dat er één GLB Strategisch Plan moet opgemaakt worden voor Pijler I en Pijler II samen.

Meer informatie over deze negen toekomstige doelstellingen vindt u op de website van de Europese Commissie of in het persbericht.

Bespreking ontwerpverordeningen

Na de publicatie is de Raad van de Europese Unie gestart met de bespreking van de wetgevingsvoorstellen waarbij alle lidstaten hun standpunten, opmerkingen en vragen konden voorleggen. De voorzitter van de Raad (beurtrol om de 6 maanden tussen de lidstaten) werkte, samen met de Europese Commissie, aan een akkoord onder de lidstaten. Dat akkoord werd bereikt op de Raad van Landbouwministers op 21 oktober 2020. Ook het Europees Parlement nam die week een standpunt in. Nadien werden triloogbesprekingen opgestart waarbij de Europese Commissie, het Europees Parlement en de Raad van Ministers onderhandelden over de voorstellen. Ondertussen is het resultaat formeel goedgekeurd door zowel het Europees Parlement als de Raad en werden de definitieve verordeningen gepubliceerd in het publicatieblad van de Europese Unie. Nadien werden ook de nodige uitvoeringsbesluiten en gedelegeerde handelingen opgemaakt en goedgekeurd.

Ook over het Meerjarig Financieel Kader werd eerder al een akkoord bereikt tussen de Raad en het Europees Parlement. Dat is belangrijk, aangezien het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid pas definitief invulling kon krijgen na het vastleggen van de begroting. 

Inwerkingtreding en overgangsbepalingen

De aanvankelijke voorstellen gingen uit van een inwerkingtreding op 1 januari 2021, maar omdat de onderhandelingen van zowel de GLB-verordeningen als het MFK langer duurden dan gepland, werd de inwerkingtreding uitgesteld tot 1 januari 2023. Om die periode te overbruggen, stelde de Europese Commissie overgangsbepalingen voor (inclusief bijlagen), die definitief zijn goedgekeurd in triloogbespreken tussen de drie Europese instellingen, nadat de Raad en het Europees Parlement al een gemeenschappelijke lezing bereikten op 30 juni 2020. Ondertussen is de invulling op Vlaams niveau ook opgemaakt. De bedoeling is om het huidige GLB-kader grotendeels voort te zetten tijdens de overgangsperiode.

Voorbereiding Vlaams GLB Strategisch Plan

Ontwerp voor het Vlaams GLB Strategisch Plan 2023 – 2027

1. Wat is het Vlaams-GLB Strategisch plan?

Het nieuwe Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) start op 1 januari 2023. Vlaanderen maakt hiervoor een Vlaams GLB Strategisch Plan (GLB SP) op. 

Het GLB SP omvat 2 pijlers:

Pijler 1 (gefinancierd uit het Europees Landbouwgarantiefonds)

  • Directe steun 
  • Gemeenschappelijke marktordening (met hierin de sectorale steun voor groenten en fruit en voor bijenteelt)

Pijler 2 (gefinancierd door het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling) 

  • Dit vervangt het vroegere PDPO (Programmadocument voor Plattelandsontwikkeling)

Vanuit de Europese GLB-regelgeving worden 9 specifieke doelstellingen naar voren geschoven waar het GLB moet op inspelen. 

doelstellingen GLBDaarnaast is er ook een horizontale doelstelling: landbouw en plattelandsgebieden moderniseren door kennisstimulering en -deling, innovatie en digitalisering en door betere toegang tot onderzoek, innovatie, kennisuitwisseling en scholing.

Het GLB SP omvat een periode van 5 jaar, van 2023 tot en met 2027. Het Europese budget dat Vlaanderen ontvangt voor de directe steun (Pijler 1) bedraagt 229 miljoen euro per jaar. Voor plattelandsontwikkeling (Pijler 2) krijgt Vlaanderen jaarlijks 43 miljoen euro Europese middelen ter beschikking, en dat bedrag zal ook nog aangevuld worden met Vlaamse cofinanciering (43% Europese en 57% Vlaamse middelen).  

Er wordt voorgesteld om een deel van het budget (10 tot 12%) van Pijler 1 naar Pijler 2 te transfereren, om zo de 2de Pijler in Vlaanderen te versterken .

Voor de operationele programma’s groenten & fruit is er vanuit Europa geen budgettoewijzing per lidstaat. Het bijenteeltprogramma zal in Vlaanderen jaarlijks 422.967 euro (waarvan 50% Europese en 50% Vlaamse middelen) ter beschikking krijgen. 

2. Hoe komt het GLB Strategisch Plan tot stand?

Welke weg is afgelegd?

Reeds in 2018 werden de voorbereidingen opgestart. Eerst werd een SWOT-analyse (sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen) en een nodenanalyse opgesteld. Hiertoe werd onder meer via twee publieke brainstorms allerlei input verzameld. Het rapport van deze publieke brainstorms is te vinden via rapport publieke bevragingen.

Ook werd een klankbordgroep opgericht: dit zijn de zogenaamde ‘eerstelijns’ belanghebbenden: beleidsdomein Omgeving, landbouw- en milieuorganisaties, VVP, ILVO, FEVIA … In het voorjaar van 2019 werden de krachtlijnen voor het nieuwe GLB gefilterd uit de noden. Deze krachtlijnen werden verder met input van het beleidsdomein Omgeving en de klankbordgroep geoptimaliseerd en vormden de basis voor een strategienota. Deze strategie kreeg ook advies van de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij (SALV) en de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen (Minaraad).

De vele noden werden later nog geclusterd tot de 22 noden die zijn opgenomen in het GLB Strategisch Plan. Vanuit de krachtlijnen en de strategie werden in administratieve werkgroepen GLB-interventies ontwikkeld. In een publieke online-bevraging (zomer 2019) kreeg ook het brede publiek de kans om via de website concrete voorstellen te doen voor nieuwe GLB-maatregelen. De uitgewerkte voorstellen voor GLB-interventies werden afgetoetst met de relevante stakeholders, onder meer via de klankbordgroep.

traject GLB-SP

Waar staan we nu?

Momenteel is er een volledig ontwerp van het GLB Strategisch Plan. Ook is er een Milieueffectenrapport (MER) opgesteld over dit ontwerp plan. In juli 2021 was reeds een kennisgeving en een eerste ontwerp van de MER gepubliceerd. Op basis van adviezen die toen ontvangen werden, is de MER verder uitgewerkt. Zowel het ontwerp van het GLB Strategisch Plan als de MER gingen in openbaar onderzoek tussen 14 januari en 14 maart 2022. Op die manier kon iedere betrokkene of iedere burger advies of opmerkingen geven. Op dit moment worden de adviezen verwerkt.

Meer informatie over het openbaar onderzoek.

Wat zijn de volgende stappen?

Na het openbaar onderzoek zal het GLB Strategisch Plan verder afgewerkt worden. In afwachting van de adviesverwerking en een definitieve goedkeuring van de Vlaamse Regering, werd een voorlopige versie reeds ingediend bij de Europese Commissie (zie verder). In tussentijd wordt ook verder overleg gepleegd met de Europese Commissie. De goedkeuring van het Vlaams GLB Strategisch Plan door de Europese Commissie wordt verwacht eind 2022. Er zal tijdig gecommuniceerd worden naar alle potentiële begunstigden. 

3. Welke krachtlijnen en steunmaatregelen?

Vlaanderen heeft uit de noden zeven krachtlijnen geformuleerd: 

GLB 2023-2027

Deze krachtlijnen sluiten goed aan bij de 9 specifieke doelstellingen en de horizontale doelstelling voor het GLB. In het GLB Strategisch Plan wordt per specifieke doelstelling / horizontale doelstelling toegelicht welke GLB-interventies op deze doelstelling zullen inspelen. Dit noemt men de interventiestrategie en staat toegelicht in hoofdstuk 2 van het GLB-SP. In hoofdstuk 5 van het GLB SP staan de GLB-interventies één voor één beschreven. 

4. Opbouw van het Vlaams GLB Strategisch Plan

Het ontwerp GLB Strategisch Plan dat in openbaar onderzoek werd voorgelegd, was opgesteld volgens het  sjabloon dat wordt opgelegd vanuit de Europese regelgeving (dit was bij de opmaak van het GLB SP nog niet definitief) . Dit Europees sjabloon komt overeen met de vormgeving van het document dat bij de Europese Commissie wordt ingediend. 

Het GLB SP bestaat uit 8 hoofdstukken:

  1. Strategische verklaring 
  2. Nodenanalyse – SWOT – interventiestrategie
  3. Samenhang en complementariteit rond een aantal thema’s
  4. Gemeenschappelijke elementen voor verschillende interventies
  5. Interventies uit pijler 1 en pijler 2 (apart document)
  6. Financiële tabel
  7. Beheer- en coördinatiesystemen
  8. Modernisering 

Daarnaast zijn er ook nog 3 bijlagen. Alle documenten die in openbaar onderzoek werd voorgelegd, kan u vinden op de pagina Inspraakprocedure kennisgeving en ontwerp-Milieueffectenrapportering (MER) Vlaams Gemeenschappelijk Landbouwbeleid Strategisch Plan.

5. Ingediend Vlaams GLB Strategisch Plan

Met het oog op een tijdige opstart van het nieuwe GLB, namelijk op 1 januari 2023, is het ontwerp Vlaams strategisch GLB-plan op 11 maart 2022 ingediend bij de Europese Commissie. De Europese Commissie heeft nu 3 maanden de tijd om haar observaties mee te delen. Ondertussen is het openbaar onderzoek over de plan-MER en het ontwerp van het GLB Strategisch Plan afgesloten. Ook hebben de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij en de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen een advies gegeven. 

Op basis van de  ingediende adviezen en de observaties van de Europese Commissie zal onderzocht worden in welke mate deze aanleiding geven tot een bijsturing van het ontwerpplan. Dit moet uitmonden in een definitief plan waaraan de Europese Commissie haar uiteindelijke goedkeuring moet verlenen voor eind 2022.

Raadpleeg het ingediend Vlaams strategisch GLB-plan.

Extra informatie

Contact

Communicatie Landbouw en Visserij
Ellipsgebouw | Koning Albert II-Laan 35, bus 40 | 1030 Brussel (wegbeschrijving)
Tel. 02 552 77 72 | Fax 02 552 77 41 
communicatie@lv.vlaanderen.be